werkwoordelijke eindgroep - volgorde

In de werkwoordelijke eindgroep kunnen de hulpwerkwoorden beter bij elkaar blijven. Het voltooid deelwoord staat ervoor of erachter. In de gesproken taal staat het voltooid deelwoord meestal voorop, in geschreven taal staat het meestal achteraan.

  • Ik hoor dat het werk op tijd uitgevoerd zal worden.
  • Ik hoor dat het werk op tijd zal worden uitgevoerd.

Als het voltooid deelwoord als een bijvoeglijk naamwoord gebruikt wordt, staat het altijd voor de hulpwerkwoorden.

  • Elke vogel zingt zoals hij gebekt is.
  • Hij zei dat ze al vier jaar getrouwd zijn.

Zet altijd het voltooid deelwoord voorop, dan is het nooit fout.

In de praktijk komt tussenplaatsing in België heel vaak voor. Gebruik de constructie liever niet als je kritiek wilt vermijden: veel mensen hebben geleerd dat er iets mis is met tussenplaatsing.

Deel op FacebookShare on Twitter