
Op 10 mei 1955 start de Vlaamse televisie met de eerste aflevering van een van de populairste programma's uit de omroepgeschiedenis: 'Schipper naast Mathilde'.


Het eerste Eurovisiesongfestival heeft plaats in het Zwitserse Lugano. Aan het liedjesfestival nemen slechts zeven landen deel. In 1956 viert het NIR/INR ook zijn 25-jarig jubileum.

De Expo in Brussel brengt meer zendtijd, meer programma's, meer mensen en middelen voort voor de nog jonge Vlaamse televisie. De Wereldtentoonstelling is ook de aanleiding om de televisieloze maandag en de zomerpauze af te schaffen. Voortaan kan heel Vlaanderen elke dag van de week, 52 weken per jaar, tv kijken.

Na de Wereldtentoonstelling in Brussel "erft" de Belgische staat het Amerikaanse paviljoen van de Expo en stelt dat ter beschikking van het NIR. De Vlaamse Televisie maakt dankbaar gebruik van dit aanbod. Zo ontstaat het Amerikaans Theater, dat vanaf oktober 1959 dienst doet voor opnamen met publiek.