Ga meteen naar video
Meer van dit programma

Met Erika Vlieghe

Wim Helsen nodigt interessante gasten uit voor een gesprek over hun favoriete tekst.

Erika Vlieghe kiest voor een fragment uit 'The English Patient' van Michael Ondaatje.

Er is een wervelwind in Zuid-Marokko, de aajej, waartegen de fellahin zich met messen verweren. Er is de africo die ooit tot Rome reikte. De alm, een valwind uit Joegoslavië. De arifi, ook aref of rifi genoemd, die schroeit met talrijke tongen. Dit zijn permanente winden waarover men in de tegenwoordige tijd spreekt.

Er zijn andere, minder constante winden die van richting veranderen, die paard en ruiter omver kunnen werpen en zich tegen de wijzers van de klok in opnieuw kunnen oriënteren. De bist roz belaagt honderdzeventig dagen lang Afghanistan en bedelft hele dorpen. Dan is er de hete, droge ghibli uit Tunesië, die almaar davert en een zenuwtoeval veroorzaakt.

Over de grond strijkend als een overstroming. Verf afbladderend, telefoonpalen omverwerpend, stenen en koppen van standbeelden van hun plaats rukkend. De harmattan blaast dwars door de Sahara, vol van rood stof, stof als vuur, als bloem, nestelend en klonterend in de grendels van geweren. Zeelieden noemden deze rode wind de ‘zee der duisternis’. Wolken rood zand uit de Sahara kwamen helemaal noordwaarts in Cornwall en Devon terecht, waar ze neerregenden als rode modder, zo dik dat ze ook per abuis voor bloed werden aangezien. ‘Bloedregens werden in 1901 veelvuldig in Portugal en Spanje gemeld.’

Stofstormen hebben drie gedaanten. De wervel. De slurf. De deken. In de eerste is de horizon verdwenen. In de tweede ben je omringd door ‘dansende djinns’. De derde, de deken, is ‘koperkleurig. De natuur lijkt in brand te staan.’

Winteruur Donderdag 13/01 12 min
Deel op Facebook Deel op Twitter Deel op Whatsapp Deel via E-mail Kopieer url
Cultuur Langer dan een jaar beschikbaar

Feedback

Sluit Login Venster

Er is geen feedback survey actief.