Naar audiodescriptie

Lees nu al een hoofdstuk uit 'Marianne, mijn verhaal'

Na de verhalen van verscheidene personages uit Thuis kon het levensverhaal van Madame Marianne natuurlijk niet achterblijven. De geschiedenis van Marianne gaat helemaal terug naar het begin van de reeks. Toen was ze getrouwd met dokter Walter De Decker, de vader van haar kinderen Tom en Ann. Nadat deze sterft aan zee kiest Marianne er niet voor om alleen te blijven. Maar wie waren de andere minnaars in haar leven? Hoeveel keer is Madame Marianne nu precies getrouwd? En hoe zit het met het grote geheim waarover ze niks wil vertellen? 

Kan jij niet wachten om het verhaal te verslinden? Koop dan hier jouw exemplaar.

Ik weet nog steeds niet of het toeval was of niet, maar in het vijfde studiejaar werden Johny en ik voor het schooltoneel gecast als hoofd-rolspelers in Romeo en Julia, de tragedie van William Shakespeare over de onmogelijke liefde van Julia Capulet en Romeo Montague, een jongedame en jongeheer uit twee totaal verschillende en riva-liserende families. Zelf dachten wij daar toen niet lang over na, laat staan dat we onszelf op een bepaald punt misschien zouden herkennen in dat verhaal. Wij vonden het vooral fantastisch dat we nog wekenlang na schooltijd mochten repeteren in de sporthal van de school en zo meer tijd met elkaar konden doorbrengen. Want dat en alleen dat vonden we echt interessant: elkaar. We waren onder-tussen al enkele jaren ouder dan toen we elkaar in de kleuterklas hadden leren kennen en groeiden langzaam maar zeker samen op. We gingen samen van kleuter naar kind. En vaak had ik het gevoel dat ik mezelf kon verliezen in hem, of toch in zijn aanwezigheid. Johny deed en durfde alles wat ik net niet kon doen of durfde. En omdat ik bij hem hoorde, kon ik dat toch allemaal meemaken. Vanop de eerste rij en toch de veiligste positie. Van de liefde die Romeo en Julia beleefden, was nog niet echt sprake, daar waren we te jong en kinderachtig voor. Maar dat Johny meer was dan enkel een vriendje, een speelkameraadje, dat was zeker.

Dat voelde ik aan alles, die keer dat ik te laat op de repetitie arriveerde. Ik opende de deur van de sporthal en zag alle kinderen die mee acteerden al op het geïmproviseerde podium staan. Johny droeg de kleren die iemand uit het oudercomité speciaal voor hem als Romeo gemaakt had en zat midden in de scène waarin hij Julia voor het eerst ontmoet. Onze scène. Maar omdat ik te laat was, had iemand anders even mijn plaats ingenomen. Terwijl iedereen zich focuste op zijn eigen rol en op de dialoog tussen mijn Romeo en een andere Julia, voelde ik hoe mijn hart sneller begon te slaan. Ik werd onrustig, maar ik durfde niet te bewegen. Ik wou de scène stilleggen en roepen dat ik was gearriveerd, maar ik durfde mijn mond niet te openen. Het leek wel alsof ik aan de grond genageld stond en plots besefte ik waarom ik zo overvallen werd door dat gevoel: ik was verliefd. Dat moest het wel zijn! Verbaasd sloeg ik mijn hand voor mijn mond en net toen ik me wou omdraaien en weglopen, hoorde ik iemand roepen.

Maar dat Johny meer was dan enkel een vriendje, een speelkameraadje, dat was zeker.

Marianne

‘Julia!’ Ik moest niet eens opkijken om te weten dat het Johny was die me riep. Het was de stem die ik zo goed kende, de stem die me helemaal zot kon maken en die me kon geruststellen tegelijk. Het was de stem waarop ik beetje bij beetje verliefd was geworden, besefte ik. En omdat ik nog maar een kind was, wist ik me met die gevoelens geen blijf. Plots werd ik nerveus en kon ik niets meer uitbrengen dan een zenuwachtig lachje. ‘Ik moet weg!’ mompelde ik snel, terwijl ik mezelf een weg naar buiten zocht. Maar Johny kwam me achterna. En pas toen hij me letterlijk de hand reikte, kalmeerde ik. Hij kon me geruststellen, zonder dat dat zelfs zijn bedoeling was. ‘Wat scheelt er?’ vroeg hij. Ik kon enkel mijn schouders ophalen en binnensmonds mompelen dat ik verliefd was op hem en niet wist wat ik daarmee moest doen.

‘Ik...’ stamelde ik. Toen nam hij mijn gezicht vast met zijn beide handen, net zoals hij dat in een bepaalde scène in het toneelstuk moest doen. Het bracht me in de war, want ik wist niet wat hij nu juist aan het doen was. En toen kuste hij me. Net zoals we dat in het toneelstuk zouden moeten doen, maar nog niet gedaan hadden. Daar waren we bij elke repetitie te giechelig voor geweest, waardoor we het telkens bij een zedige kus op de hand hielden. Die kus zou hoogstens op mijn wang belanden, meer niet. Zo hadden de leerkrachten en de ouders het ook het liefst, wisten we. En wij ook. Tot dan. Tot op dat moment dat we oog in oog met elkaar stonden en hij me snel een zoen gaf en onze band voor altijd zou veranderen. Vanaf dan zouden we namelijk niet langer gewoon beste vrienden zijn. We zouden beste vrienden en elkaars eerste geliefden zijn. Liefjes, zoals dat toen nog zo veilig genoemd werd. En zo geschiedde.

Feedback

Sluit Login Venster

Er is geen feedback survey actief.