Werk van Magritte straalt in duistere setting

"Ceci est (certainement) un musée" zou de slogan kunnen zijn voor het prestigieuze Magritte Museum dat vandaag zijn deuren opent voor het grote publiek. In het neoclassisicistische Hotel Altenloh, aan het Koningsplein in Brussel, is een indrukwekkend Magritte-universum gecreëerd. Het museum beschikt immers over de grootste verzameling Magrittes ter wereld.
Wat meteen opvalt is dat er nergens in de exporuimtes natuurlijk daglicht binnenvalt. Overal zijn dubbele wanden geplaatst en tussen die wanden en de muren van het museum bevinden zich de technische infrastructuren.
Die donkere exporuimtes zijn de perfecte setting voor het werk van de Belgische surrealist René Magritte (1898-1967) die met zijn schilderijen "het mysterie" wilde oproepen en een bevreemdend effect veroorzaakt bij de toeschouwer.

Magritte hield niet van algemene interpretaties, hij wilde dat iedereen zijn eigen betekenis aan een werk kon geven. Daarom liet hij de titels vaak verzinnen door zijn vrienden. Een titel mocht voor hem nooit een verklaring zijn of een beschrijving van wat er te zien is.

Bij het grote publiek is Magritte vooral bekend als de schilder die de band tussen het woord en het beeld doorgeknipt heeft (denk maar aan zijn beroemde werk "Woordbreuk der beelden", met als onderschrift "Ceci n'est pas une pipe").

Door de toeschouwer te wijzen op het verschil tussen het object op zich en het geschilderde object, dwingt hij hem/haar om door te denken en het werk grondig te bestuderen. Een volledige namiddag uittrekken om dit museum te bezoeken is dus geen overbodige luxe.

De Chirico is een openbaring

Het nieuwe Magritte Museum bestaat uit 3 verdiepingen. Wie de doeken in chronologische volgorde wil bekijken, moet op de bovenste verdieping ("De verovering van het surrealisme", 1898-1929) starten.
Daar komt de bezoeker te weten hoe de carrière van Magritte begonnen is, hoe hij geïnspireerd werd door Giorgio De Chirico en door Franse surrealisten als André Breton en Paul Eluard.

De schilder moest toen zijn geld nog verdienen met commerciële opdrachten. Hij maakte onder meer reclameaffiches (die hij zelf "imbeciele werken" noemde) en werkte zelfs een tijd als tekenaar in een behangpapierfabriek.

De ommezwaai in zijn carrière kwam er pas nadat hij het werk van De Chirico ontdekt had. In 1926 ontstond er een Belgisch-surrealistische groep waar ook Magritte deel van uitmaakte.

Etre surréaliste, c'est bannir de l'esprit, "déjà vu" en "rechercher le pas encore vu"
is een van de vele veelzeggende uitspraken van Magritte die in het museum op de muren geschilderd zijn.

De bokkensprongen van Magritte

Op de tweede verdieping ("De grote ontsnapping", 1930-1950) zien we het werk dat Magritte maakte na zijn terugkeer uit Parijs.

Volgens de overlevering keerden René en Georgette terug naar Brussel omdat André Breton een bijtende opmerking gemaakt had over een halssnoer met een kruisje dat Georgette droeg. Magrittes schilderijen van tijdens en na WOII vertonen een stijlbreuk met de rest van zijn werk.
Tijdens WOII zat Magritte in zijn "période soleil". Hij gebruikte opeens lichte en felle kleuren en -in tegenstelling tot bij zijn bekende werken- werd ook de penseelstreek opnieuw zichtbaar. Zijn surrealistische collega's keurden dit uitstapje volledig af.

In 1948 schilderde Magritte voor een expo in Parijs in een uitbundige stijl die hij later nooit meer zou herhalen. Hij toont de mens met angstaanjagende misvormingen in schreeuwerige kleuren. Die 5 weken uit zijn carrière worden de "période vache" (ploertige periode) genoemd (foto: "De ellips").

De Parijzenaars begrepen er niets van. Onder meer op aanraden van zijn echtgenote Georgette schakelde Magritte gauw opnieuw over op zijn vertrouwde stijl, al was hij er naar eigen zeggen "graag nog wat heviger tegenaan gegaan dan in Parijs".

Het museum in Brussel is een van de weinige musea ter wereld waar er werken uit deze "période vache" tentoongesteld worden.

Populaire werken en grappige filmpjes

Op de eerste verdieping ("Het mysterie in werking", 1951-1967) worden de meest bekende werken van Magritte tentoongesteld, onder meer twee olieverfexemplaren van "Het rijk der lichten" (foto), waarvan in totaal 16 kopieën op verschillende formaten bestaan.
Die variaties en (gedeeltelijke) replica's van zijn meest populaire werken maakte Magritte op aandringen van zijn New Yorkse kunsthandelaar Alexandre Iolas. Toch vond hij niet dat hij zichzelf echt kopieerde. Hij rechtvaardigde zijn varianten met het argument dat ze hem op nieuwe ideeën brachten.

Maar het Magritte Museum bevat meer dan alleen maar schilderijen van de surrealist, zo zijn er onder meer grappige foto's en filmpjes te zien.

Op elke verdieping staat ook een beeldhouwwerk van een belangrijk thema uit het werk van Magritte (zoals bijvoorbeeld de opvallende gordijnen uit de "Mona Lisa"-werken).

Het Magritte Museum geeft een gedetailleerd overzicht van de carrière van een van de bekendste schilders ter wereld. Door de donkere sfeer die er in het museum hangt, wordt alle aandacht naar de schilderijen toegezogen. Op die manier wordt de bezoeker gedurende enkele uren volledig ondergedompeld in de boeiende wereld van Magritte.

Ellen Maerevoet

Magritte heeft nu twee musea in Brussel

Op zaterdag 30 mei wordt het Magritte Museum feestelijk geopend. Het grote publiek kan het dan gratis bezoeken van 10 tot 22 uur (reserveren is noodzakelijk). Vanaf dinsdag 2 juni is het museum alle dagen, behalve maandag, open van 10 tot 17 uur en op woensdag tot 20 uur.

In het Magritte Museum in de Esseghemstraat 135 in Jette bevindt kan je zien hoe de schilder van 1930 tot 1954 woonde,  leefde en werkte.