"De B-ploeg"

Politicoloog Carl Devos (Universiteit Gent) laat elke zaterdag zijn licht schijnen op het reilen en zeilen in de Belgische politiek.
De voorbije dagen werd neerbuigend gedaan over de vernieuwing van de federale regering. Dat die op weinig krediet kan rekenen, is logisch. Sinds de verkiezingen van juni 2007 is daar nog maar weinig gepasseerd dat op bestuur, laat staat goed bestuur, lijkt. Het parcours van Leterme/Van Rompuy mag als een kwakkelgang omschreven worden. Er is te veel wantrouwen om te geloven dat de vervanging van enkele spelers voor beterschap zal zorgen. Zeker als die vervanging als een degradatie wordt gezien. Maar waarop is die analyse gebaseerd, anders dan op een begrijpelijk negatief vooroordeel tegenover de federale regering? Laten we, bij wijze van test, eens van de omgekeerde stelling vertrekken en nagaan of die ook overeind blijft. Die klinkt dan als: Van Rompuy II is geen B-ploeg. Al heeft die wel de perceptie tegen.

Zonder alle wissels in detail te bespreken en zonder te pretenderen dat het mogelijk is om het gewicht van politici onderling precies af te wegen, mag inderdaad gezegd worden: deze ploeg kon sterker geweest zijn. Stel bijvoorbeeld dat Verhofstadt of Di Rupo er zelf zouden instappen, dat zou nogal een signaal van geloof en vertrouwen zijn geweest. Als De Gucht niet naar Europa was vertrokken, dan oogde Van Rompuy II in de beeldvorming wellicht ook sterker. Enzovoort. Dit is dus niet de sterkst denkbare regering. Maar Van Rompuy II lijkt niet zo evident zwakker dan Van Rompuy I als de voorbije dagen is gezegd. Bovendien is de ingenieuze oefening in politieke evenwichten de illustratie van het bewijs dat er federaal toch iets kan gebeuren. Tenminste als het over de postjes gaat. Afwachten of ze ook tot daden in staat is.

De Gucht is een zwaargewicht. Leterme ook. Deze ex-premier en ex-minister-president staat voor behoorlijk veel buitenlandse ervaring en een gewichtige stem. Zijn relatie met de premier zal niet altijd makkelijk zijn, maar ze vinden wellicht hun modus vivendi. Guy Vanhengel, ongetwijfeld een der sympathiekste onder de politici, is niet het absolute topgewicht dat in de Wetstraat te vinden is. Maar hij is ervaren, zeker op begroting, én heeft het vertrouwen van partijbaas Verhofstadt, die dat blijft ook als er straks een andere voorzitter komt. Vanhengel zal op begroting Open VLD moeten profileren. Hoewel hij het type van de nuchtere rustbrenger is, mag vanuit zijn kabinet het nodige vuurwerk verwacht worden. Vanhengel een B-figuur noemen is hem onrecht aandoen.

De Padt verdwijnt naar wat vermoedelijk bezigheidstherapie is, hij gaf in de korte periode waarin hij daartoe de kans had, nooit de indruk een zeer sterk minister te (kunnen) zijn. De sterke Turtelboom blijft én krijgt de belangrijke bevoegdheid van Binnenlandse Zaken. Mocht Turbelboom ouder of een man zijn geweest, dan zouden veel meer analisten haar een groot politiek gewicht toeschrijven. De manier waarop ze de voorbije maanden in Asiel en Migratie aan de druk weerstond, wijst op grote weerbaarheid, een van de – niet altijd mooiste, maar wel noodzakelijke – kenmerken van politieke zwaargewichten. Turtelboom schuift op in de politieke hiërarchie, die beweging past niet in het B-imago van Van Rompuy II.

Marie Arena moet de regering verlaten en dat is goed nieuws. Want het voormalige talent is al jaren uitgedoofd. De komst van "vrolijke nonkel" Michel Daerden wekte zoals verwacht als een rode lap op de Vlaamse stier. Volgens Ecolo niet goed genoeg voor de Waalse regering, dus parkeerde de PS dit stemmenkanon in de federale regering. Daerden is oude politiek, met ingrediënten als cliëntelisme, openlijk drankmisbruik, belangenvermenging, een imago van foefelen. Maar Daerden is volgens vriend en vijand die het kunnen weten ook een uiterst slim en competent politicus: een dossierkenner en rekenwonder. Het is moeilijk aan te nemen dat beiden combineerbaar zijn, maar Daerden weegt meer dan Arena. Zij was geen goed bestuurder, we zullen zien of Daerden dat wel is. Indien niet, dan gaat Van Rompuy II er met die wissel niet op vooruit, maar ook niet op achteruit.

De vele overbodige staatssecretarissen laten we hier buiten beschouwing, het verlies van Julie Fernandez Fernandez zal behalve zijzelf niemand betreuren, de komst van Philippe Courard trekt het gemiddelde niveau op. Melchior Wathelet groeit in stilte verder uit.

Kortom: dit is niet de sterkst mogelijke ploeg, ook omdat velen er niet meer in geloven. Maar je kan niet zomaar zeggen dat Van Rompuy II na de reshuffle duidelijk zwakker is dan ervoor. Dat is een kwestie van perceptie. We zullen de komende weken en maanden zien tot wat die ploeg nog en eindelijk in staat is.

Veel belangrijker dan jennende woordspelletjes over de omschrijving van Van Rompuy II zijn de beperkende omgevingsfactoren waarin deze regering moet functioneren. Meer dan de "sterkte" van de regering zullen zij het slagen of falen van dit kabinet bepalen. De regionale coalitiepartners van CD&V – N-VA en SP.A – zijn federale oppositiepartijen, de federale coalitiepartner van CD&V – Open VLD – is regionale oppositiepartij. De instabiliteit zit dus in de coalitievorming ingebakken.

Dus roept Open VLD nu al dat de begrotingsinspanningen gedaan moeten worden door de regering waar zij niet in vertegenwoordigd is. In het asiel- en migratiedebat moeten niet de visies van Turtelboom en Arena verzoend worden, maar twee fundamenteel verschillende uitgangspunten die bovendien grotendeels langs de taalgrens lopen. Asiel en migratie bezorgt elke regering kopzorgen.

Er is de dramatische begrotingstoestand. En dus de gigantisch moeilijke begrotingsopmaak 2010 en 2011. Met een gapend gat in de sociale zekerheid is daar een oorlog te verwachten tussen socialisten en liberalen. Die federale begrotingsopmaak vormt wellicht ook een belangrijke test voor de assertiviteit van de Vlaamse regering. Als de federale regering in haar begroting geld voorziet voor het grootstedenbeleid – een bevoegdheid van Daerden, dus men prikkelt nog meer – dan zal de Vlaamse regering zich moeten afvragen of ze daartegen geen belangenconflict moet indienen. Want grootstedenbeleid is regionaal. Dan staat de federale CD&V op gespannen voet met de Vlaamse CD&V. Met dank aan SP.A en vooral aan N-VA.

En dan is er nog de staatshervorming. Van Rompuy deed wat zijn partij hem smeekte, de federale regering leiden, als dank kreeg hij Peeters II. Veel zin in een staatshervorming heeft hij niet. Ze zullen het in Vlaanderen dus zelf moeten oplossen.

De Vlaamse regering wil in het overlegcomité tegen haar ervaring en eigen doctrine in aan de Franstaligen vragen of ze willen onderhandelen. Het overlegcomité is een vergadering van regeringsvertegenwoordigers, Franstaligen willen niet onderhandelen tussen regeringen, enkel tussen gemeenschappen. Het lijkt er dus op alsof Peeters II van de staatshervorming geen prioriteit wil maken. Wegens de crisis.
En dat na jaren te hebben gezegd dat zonder staatshervorming de Vlaamse welvaart niet gevrijwaard, laat staan versterkt kan worden.

Carl Devos