"Waar -vraag ik u- is de gerechtigheid?"

De kritiek op de Schotse regering na de vrijlating van de dader van de Lockerbie-aanslag blijft aanhouden. Zo heeft het hoofd van de FBI gisteren een vlammende brief geschreven. Ook binnen Schotland hebben steeds meer mensen vragen bij de vrijlating.
Robert Mueller leidde in 1988 het onderzoek naar de aanslag
Eerder deze week werd Abdel Baset Al-Megrahi vrijgelaten door de Schotse regering, omdat de man nog maar drie maanden te leven heeft. De voormalige Libische veiligheidsagent werd in 2001 veroordeeld voor de bomaanslag op een vliegtuig boven het Schotse dorpje Lockerbie. Bij die aanslag in 1988 kwamen 270 mensen om het leven. Al-Megrahi heeft wel altijd zijn onschuld volgehouden.

Vooral in Amerika werd de vrijlating op ongeloof onthaald. De meeste slachtoffers waren immers Amerikanen. President Barack Obama noemde de vrijlating een "fout". Maar door de nasleep en ontvangst van Al-Megrahi in Libië lijkt de kritiek alleen meer toe te nemen. Zo werd de Libiër als een held ontvangen en had hij hartelijke ontmoetingen met de Libische leider Khadaffi en zijn zoon. Die laatste beweert bovendien dat de vrijlating het gevolg was van een handelsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk, hoewel die verklaring later is genuanceerd.

"Waar is de gerechtigheid?"

De Amerikaanse autoriteiten zijn "not amused". Gisteren nam het hoofd van de inlichtingendienst FBI de ongebruikelijke stap om een in vitriool gedrenkte brief te schrijven naar de Schotse regering. "Uw beslissing om Al-Megrahi vrij te laten is een aanfluiting van de rechtstaat en geeft hoop aan terroristen wereldwijd", schrijft Robert Mueller. "Bovendien maakt u de rouwende familieleden belachelijk door hem een heldenontvangst te geven in Tripoli. Waar -vraag ik u- is de gerechtigheid?"

In een reactie zegt de Schotse regering dat alle procedures en regels gevolgd zijn. Bovendien waren de Amerikaanse autoriteiten op de hoogte dat de Libiër vrijgelaten ging worden, aldus een woordvoerder. Mueller -die het onderzoek leidde naar de aanslag in 1988- heeft de brief ook gestuurd naar de nabestaanden van de slachtoffers.

Oppositiekritiek en whiskeyboycot

Ook in Schotland zelf roept de vrijlating steeds meer vragen op. De voormalige socialistische premier van Schotland Jack McConnel betreurt de "schade" die aan het imago van Schotland is toegebracht. Zo waren verschillende leden van de oppositie "beschaamd" toen ze de Schotse vlaggen zagen zwaaien toen Al-Megrahi op de luchthaven van Tripoli werd onthaald.

Maandag komt het Schots parlement vervroegd bijeen om over de kwestie te debatteren. Sinds 2007 vormen Schotse nationalisten een minderheidsregering. De Schotse minister blijft de vrijlating verdedigen en wijst erop dat vrijlating door humanitaire reden deel uitmaakt van het Schots recht. Net zoals in België, kennen de deelstaten in het Verenigd Koninkrijk een mate van autonomie, hoewel veel minder dan in ons land. De Britse premier Gordon Brown -zelf een Schot- zegt dat de zaak er een is voor de Schotse regering.

Aan de overkant van de Atlantische oceaan lijkt de vrijlating stilaan ook de gemoederen van de gewone Amerikanen te beroeren. Sommige websites roepen om om Schotse producten -zoals whiskey- te boycotten en op Twitter wordt de Schotse regering amper gespaard. Een woordvoerder van de Schotse whiskeymakers zegt de zaak te "bekijken".