Besparingen moeten nog worden uitgewerkt

De besparingen die minister-president Kris Peeters in het Vlaams Parlement aangekondigd heeft, moeten nog geconcretiseerd worden. Waar er juist gesneden wordt zal pas eind oktober duidelijk zijn.

Peeters kondigde aan dat de Vlaamse regering dit jaar 200 miljoen euro bespaart en volgend jaar  jaar 1,5 miljard euro, maar hij bleef vaag over de manier waarop die besparingen gerealiseerd zullen worden.

Na de zitting van het parlement gaf Peeters samen met miniser van Begroting Philippe Muyters (N-VA) meer uitleg bij de grote lijnen van de besparingen, zoals die vorige vrijdag door de regering werden vastgelegd in de begroting.

Een grote besparingsbrok is het terugschroeven van de jobkorting voor werkende Vlamingen. Die zal nu enkel nog gaan naar de 600.000 laagste lonen, een besparing die goed is voor 650 miljoen euro.

Het gros van de overige besparingen komt uit zogenaamde "efficiëntiewinsten" in het overheidsapparaat. Zo moet het departement mobiliteit en openbare werken 104 miljoen besparen, onderwijs moet 117 miljoen euro weten te vinden en cultuur, jeugd sport en media moet het met 36 miljoen euro minder doen.

Maar wat dat concreet betekent voor het loon van de leraren, voor de middelen van de VRT of De Lijn, ligt nog niet vast. Het is aan de bevoegde ministers en de administratie om de financiële doelstellingen in concrete maatregelen om te zetten, zei Peeters in het programma Terzake.