Allen situeert "Whatever works" weer in New York

Na een aantal Europese excursies ("Match point", "Scoop" en "Cassandra’s dream" in Londen en "Vicky Cristina Barcelona" in de Spaanse stad van de titel) is scenarist-regisseur Woody Allen (°1935) voor zijn nieuwe film "Whatever works" teruggekeerd naar zijn geliefde Manhattan. Die vertrouwde thuisbasis zorgt ook bij het publiek voor herkenning (en dus minder verrassingen), want het typisch "Alleneske" hoofdpersonage is hier opnieuw een upperclass New Yorker van Joodse origine, die heel wat vragen, maar vooral een uitgesproken mening heeft over de zinloosheid van het bestaan.

Opmerkelijk is dat het scenario van "Whatever works" reeds meer dan 30 jaar oud is en dus dateert van de late jaren 70, de periode waarin Woody Allen onder meer "Annie Hall" en "Manhattan" regisseerde. De reden waarom "Whatever works" toen niet verfilmd werd, had te maken met het feit dat Allen de hoofdrol toen geschreven had voor Zero Mostel, maar die acteur overleed in 1977. 

Waarom het uiteindelijk zo lang geduurd heeft en waarom Woody Allen indertijd niet zelf  (zoals in die andere archetypische New York- komedies "Annie Hall" en "Manhattan") die hoofdrol voor zijn rekening wou nemen, is niet erg duidelijk.

Feit is dat Boris Yellnikov (nu vertolkt door Larry David, vooral bekend als scenarist van onder meer de komische televisieseries "Seinfeld" en "Curb your enthusiasm") nog steeds kan fungeren als een alter-ego van Woody Allen. Boris is namelijk een kalende Joodse intellectueel met gezondheidsfobieën, uitgesproken artistieke voorkeuren (zoals klassieke muziek en oude zwart-witfilms) en een resem sarcastische meningen over het leven in het algemeen en relaties in het bijzonder.

Maar hij is toch niet echt een compleet doordrukje van Woody Allen, in die zin dat het personage hier ietwat mannelijker, maar vooral misantropischer oogt. Dat weet Boris zelf ook wel, wat in het begin van de film richt hij zich rechtstreeks tot de camera (en dus het publiek) met de mededeling dat hij geen "likable guy" is en dat de kijkers zich niet aan een feelgoodfilm moeten verwachten. En hij voegt er ongegeneerd aan toe: "So if you’re one of those idiots who needs to feel good, go get yourself a foot massage."

Even lief als naïef

Boris vindt ook van zichzelf dat hij een genie is. Als wetenschapper weet hij ongeveer alles over kwantumfysica, waaruit hij voor zichzelf de conclusie heeft getrokken dat het leven in feite totaal zinloos is. Hij ergert zich daarom ook aan mensen die het leven op een of andere manier toch de moeite waard vinden. Dat kan volgens hem alleen maar verklaard worden door hun domheid.
 

En dan duikt plots de jonge Melody (rol van Evan Rachel Wood) in zijn leven op. Het meisje is weggelopen van haar thuis ergens in Mississippi en blijkt even lief als verschrikkelijk naïef. Volgens Boris maakt ze dan ook geen enkele kans om te overleven in de Big Apple. Hij overrompelt haar met zijn pessimistische levensvisie, waarbij ze zelf ook begint te geloven dat hij toch wel een genie moet zijn. Melody wordt zowaar verliefd en vraagt de knorrige brompot zelfs ten huwelijk.

Later in het verhaal duiken - met enige tussentijd - de even gelovige als conservatieve ouders van Melody (respectievelijk vertolkt door Patricia Clarkson en Ed Begley Jr.) vanuit het Diepe Zuiden in Manhattan op. Ook op hen blijkt New York een verregaande invloed te hebben, wat in beide gevallen tot een drastische transformatie van hun persoonlijke overtuigingen en dito levensstijl zal leiden.

Uiteindelijk blijkt "Whatever works" toch een echte feelgoodfilm te zijn, want de finale boodschap is dat het leven misschien wel zinloos mag zijn, maar dat de liefde zich hoe dan ook niet aan banden laat leggen. En daar kan zelfs een misantroop als Boris zich zelfs na de breuk met Melody (een beetje) mee verzoenen.
 

Jan Temmerman

Whatever works (VS/Fra)

van Woody Allen
met Larry David, Patricia Clarkson, Evan Rachel Wood, Ed Begley Jr., Henry Cavill, Michael Mckean en Jessica Hecht
release: woensdag 30 september