Guinese leger schiet tientallen betogers dood

In Conakry, de hoofdstad van het West-Afrikaanse land Guinee, zijn minstens 125 doden gevallen nadat het leger het vuur had geopend op een betoging van de oppositie. Een Guinese humanitaire organisatie heeft het over 157 doden. Kapitein Moussa Dadis Camara, de militaire leider van Guinee, geeft toe dat de ordestrijdkrachten hun zelfbeheersing verloren.

Zo'n 50.000 mensen namen gisteren deel aan een betoging van de oppositie tegen de staatsgreep die Camara vorig jaar pleegde na het overlijden van Lansana Conté, de vorige dictator. Aanvankelijk zei Camara dat hij zich weer zou terugtrekken nadat er verkiezingen waren gehouden, maar onlangs zei hij dat hij het recht heeft om mee te doen aan die verkiezingen.

De oppositie wil dat het leger zich terugtrekt in de kazernes en had opgeroepen tot de betoging van gisteren.

Verschillende ooggetuigen melden dat soldaten betogers hebben neergeschoten en neergestoken. Sommige elitesoldaten zouden ook vrouwelijke betogers hebben verkracht. "Ik heb verschillende vrouwen gezien van wie de kleren van het lijf waren gerukt en die op legertrucks werden weggevoerd", zegt een getuige. 

Volgens Artsen zonder Grenzen worden de ziekenhuizen in Conakry overstelpt door honderden gewonden. De meeste slachtoffers hebben schotwonden os zijn aangevallen met messen. Onder hen zijn ook vrouwen en kinderen.

Camara geeft toe dat de ordestrijdkrachten door het lint gingen, maar ontkent dat er vrouwen zijn verkracht. Volgens hem is het leger geprovoceerd.

VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon en de Europese Unie hebben het geweld in Guinee al veroordeeld. Frankrijk, de voormalige koloniale macht, zegt zijn militaire samenwerking met Guinee op. "Het aantal slachtoffers van deze zware schending van de mensenrechten door het Guinese leger blijft oplopen", zegt minister van Buitenlandse Zaken Bernard Kouchner. "Frankrijk veroordeelt deze brutale en bloedige repressie."