Het jaar van de buffel

Na een lange en bloedige burgeroorlog slaagden de Chinese communisten er in 1949, het jaar van de buffel, in de nationalisten van het vasteland te verdrijven. Mao Zedong werd de onbetwiste leider van China en bleef dat tot zijn dood in 1976.

De geschiedenis van China wordt gekenmerkt door een opeenvolging van verschillende dynastieën van keizers, soms afgewisseld door invallen en bezettingen vanuit het buitenland. Ook in de 19e eeuw wordt China geregeerd door een buitenlandse dynastie, de Qing, die afkomstig zijn uit Mantsjoerije, een streek ten noordoosten van China.

Vanaf 1860 krijgen de Qing af te rekenen met opstanden, waarvan de ernstigste en meest bloedige, de "Opstand van de Hemelse Vrede", bijna 20 jaar duurde. Intussen winnen een aantal buitenlandse mogendheden steeds meer aan invloed in China en de zogeheten Bokseropstand wordt in 1900-1901 dan ook neergeslagen door een gezamenlijke strijdmacht van Britten, Fransen, Amerikanen, Russen en Japanners.

Er volgen echter nog opstanden en begin 1912 komt er een einde aan het keizerrijk China. Sun Yat-sen (foto), de leider van de opstandelingen, roept de Republiek China uit. Hij wil van China een moderne democratische staat maken naar westers voorbeeld, maar hij wordt gedwarsboomd door de conservatieve aanvoerder van het keizerlijke leger, Yuan Shikai, die president van de republiek wordt en tracht het keizerrijk te herstellen, met zichzelf als keizer.

Zijn voortijdige dood in 1916 voorkomt dat echter en na het overlijden van Yuan valt China ten prooi aan anarchie. Verschillende krijgsheren overheersen delen van China, in het zuiden zwaait Sun Yat-sen nog steeds de plak .

Russisch voorbeeld

Het succes van de bolsjewieken in Rusland, die in 1917 de macht grijpen en de tsaar verdrijven, inspireert in China een groep jonge studenten. In 1921 stichten ze de Communistische Partij van China, die zich twee jaar later aansluit bij de Kwomintang, de Nationalistische Partij van Sun Yat-sen.

Na de dood van Sun in 1925 neemt zijn rechterhand Chiang Kai-shek (foto) het roer over bij de Kwomintang en hij vaart een meer rechtse koers. Hij bindt de strijd aan met de krijgsheren in het noorden en installeert een nationalistische regering in Nanking. In 1927 verbiedt hij de Communistische Partij en de nationalistische legers zetten een ware heksenjacht in tegen de communisten.

Meer dan 100.000 omsingelde communisten weten uit te breken en trekken onder leiding van Mao Zedong en Zhou Enlai tijdens een bijzonder koude winter dwars door de bergen van Midden-China naar het noorden. Die tocht wordt later bekend als de "Lange Mars". Ook de volgende jaren blijft de burgeroorlog tussen de communisten en de Kwomintang onverminderd voort woeden.

Japanners

In 1931 begint het keizerrijk Japan zijn grondgebied uit te breiden en de Japanners bezetten de Chinese provincie Mantsjoerije. In 1936 slagen de Japanners erin grote delen van China in te nemen en daarbij gebruiken ze bruut geweld, vooral tegen de Chinese boeren. Dat zorgt ervoor dat veel boeren zich bij het Volksbevrijdingsleger van de communisten aansluiten.

De Japanners vormen een gezamenlijke vijand en nationalisten en communisten sluiten de rangen. Nadat Japan echter verslagen is op het einde van de Tweede Wereldoorlog, steken de oude tegenstellingen opnieuw de kop op. De burgeroorlog laait opnieuw in hevige hevigheid op (foto: nationalisten op weg naar het front), maar dit keer hebben de nationalisten in China vrijwel geen macht meer en zijn de communisten de sterkste partij.

In de herfst van 1949 zien de nationalisten in dat de situatie hopeloos is en 700.000 aanhangers van de Kwomintang en 800.000 soldaten vluchten naar het eiland Taiwan. Chiang Kai-shek vestigt zich er als president en zijn Kwomintang zal tot begin de jaren 90 het eiland met harde hand besturen.

Op het vasteland triomferen de communisten en op 1 oktober 1949 roept Mao Zedong vanaf de Poort van de Hemelse Vrede (Tian'anmen) de Volksrepubliek China uit (grote foto). Hij zal China blijven leiden tot hij in 1976 op hetzelfde Tian'anmenplein in een mausoleum wordt bijgezet.