Shell krijgt bedorven vis op het bord

Amnesty International voert vandaag actie op de stoep voor de hoofdzetel van Shell. De vervuiling die het olieconcern met zijn activiteiten in de Niger-delta veroorzaakt, is een grove schending van de mensenrechten, klinkt het.

Amnesty veegt de stoep schoon en deelt bedorven vis uit voor de hoofdzetel van oliegigant Shell. De actievoerders stopten de Shell-werknemers een exemplaar van hun rapport "Petroleum, Pollution and Poverty" toe. Met deze actie vraagt de mensenrechtenorganisatie aandacht voor de gevolgen die de activiteiten van Shell hebben voor de plaatselijke bevolking in de Niger-delta.

"Het water dat de bevolking drinkt is niet drinkbaar, de vis die ze eet is bedorven en de lucht die de mensen inademen zwaar vervuild. Shell vervuilt de grondstoffen en maakt zo de mensen ziek", aldus Lore Van Welden van Amnesty. Shell voert het merendeel van de olieoperaties in de Niger-delta uit en is daarom, volgens Amnesty, samen met de Nigeriaanse overheid de grote verantwoordelijke voor de problemen in de Niger-delta.

De honderd dagen van Peter Voser

Op 1 juli trad Peter Voser aan als voorzitter van Shell. Ammnesty overhandigde hem een rapport over de vervuiling in de Niger Delta en vroeg Voser de veroorzaakte vervuiling aan te pakken en binnen de eerste honderd dagen van zijn mandaat de plaatselijke bevolking te informeren over de impact van de activiteiten van zijn bedrijf. Met deze actie wil Amnesty International Voser eraan herinneren dat die termijn volgende week verstrijkt.

Shell erkent haar aandeel in de vervuiling maar schuift het overgrote deel van de verantwoordelijkheid door naar de Nigeriaanse regering. "Naar onze inschatting is zo'n 85 procent van de vervuiling te wijten aan banditisme zoals bijvoorbeeld het openhakken van leidingen", reageert Andrea Van Duyse in naam van Shell.