Volksrepubliek China is 60 jaar

De Volksrepubliek China blaast op 1 oktober 60 kaarsjes uit. Met de woorden "Het Chinese volk is opgestaan", roept Mao Zedong, de leider van de communisten, de volksrepubliek uit. Maar wat is er sindsdien gebeurd? Een overzicht.

1949

Mao Zedong beëindigt een bloedige burgeroorlog met de Nationalisten en sticht op 1 oktober officieel de Volksrepubliek China.

“Het Chinese volk is opgestaan!”, verklaart de partijleider voor een massa mensen. De Nationalisten onder leiding van Tsjang Kai Tsjek vluchten naar Taiwan, wat door China tot op de dag van vandaag als een afvallige provincie wordt beschouwd.

Mao -ook wel de Grote Roerganger genoemd- wordt de onbetwiste machthebber in een land met meer dan 500 miljoen inwoners. Een jaar later komen Chinese soldaten tussen in Koreaanse oorlog.

1958

Na een vijfjarenplan, geïnspireerd op Sovjetmodel, om de Chinese economie te industrialiseren, lanceert de communistische partij in 1958 “de Grote Sprong Voorwaarts” met als doel de economische en sociale ontwikkeling van China te versnellen.

Het resultaat is een ware catastrofe. Collectivisering van de landbouw leidt tot misoogsten met miljoenen hongerdoden als gevolg.

Na twee jaar wordt het plan verlaten. Mao stapt op als voorzitter van de Volksrepubliek, maar blijft wel partijleider.

1959

Het Chinese leger slaat in 1959 de eerste grote opstand in Tibet neer, dat in 1950 door China werd geannexeerd. De Dalai Lama vlucht naar India.

1966

Mao vreest dat kapitalistische en antisocialistische groeperingen zich aan het roeren zijn in de Volksrepubliek. Om de revolutie nieuw leven in te blazen lanceert hij een campagne om land én de communistische partij te “zuiveren” van antirevolutionaire krachten.

De “Culturele Revolutie” wordt gelanceerd. Daarvoor steunt Mao op het leger en de zogenaamde Rode Wachten, scholieren die vooral rivalen van Mao binnen de partij terroriseren, onder wie de latere Chinese leider Deng Xiaoping.

Na twee jaar ziet zelfs Mao in dat de Rode Wachten alle trappers zijn verloren en beveelt hij het leger om hen in te tomen.

Een korte maar hevige oorlog met de USSR in 1969 doet de Chinese rangen echter sluiten.

1972

De Amerikaanse president Richard Nixon bezoekt China, na de zorgvuldig geregistreerde ping-pongdiplomatie van het jaar daarvoor.

Toen bezochten spelers van een Amerikaans tafeltennisteam als eerste Amerikanen het communistische China.

Beide landen normaliseren hun banden en China krijgt –opnieuw- een zitje in de VN-veiligheidsraad mét vetostemrecht.

1976

De Grote Roerganger sterft op 92-jarige leeftijd en dompelt het land in rouw.

De radicale “bende van vier” –onder wie de weduwe van Mao- neemt kort de macht over, maar wordt later gearresteerd.

Het is uiteindelijk de pragmaticus Deng Xiaoping die als overwinnaar uit de machtsstrijd komt.

Hij zet economische hervormingen in gang die van China een “socialistische markteconomie” zullen maken.

1979

De regering voert de zogenaamde “een-kind-politiek” in om een halt toe te roepen aan de immense bevolkingsgroei.

1986

Deng kondigt de “opendeurpolitiek” aan, waardoor buitenlandse investeerders zaken kunnen doen in China. Het is een voorlopig hoogtepunt in de reeks hervormingen die onder zijn bewind zijn ingezet.

Kapitalistische marktmechanismen -lang taboe in China onder Mao- worden in bijna alle lagen van de maatschappij geïntroduceerd.

Op de vraag of China nog wel communistisch is, antwoordt Deng: “Het doet er niet toe wel kleur de kat heeft, zolang ze maar muizen vangt”.

De creatie van welvaart, eerder dan het vrijwaren van de gelijkheid komt centraal te staan in de doelstellingen van de partij.

1989

Soldaten openen het vuur op de vele betogers verzameld op Tian'anmenplein.

Het protest begon oorspronkelijk als een eis om de overleden secretaris-generaal van de CP, Hu Yoabang, in ere te herstellen.

Al snel slaat het protest om in een schreeuw voor meer vrijheid en politieke hervormingen. Officieel laten 200 Chinezen het leven.

De internationale gemeenschap veroordeelt het bloedbad scherp en stelt sancties in tegen de Volksrepubliek.

1997

Na een ceremonie draagt Groot-Brittannië de autoriteit van Hong Kong over aan China. Het is een teken dat China door zijn wervelende economische groei ook politiek belangrijker wordt op het internationale toneel. Taiwan blijft onafhankelijk.

2001

China treedt toe tot de Wereldhandelsorganisatie.

2003

China stuurt de eerste “taikonaut” in de ruimte, Yang Liwei. Het is een manier van China om aan te tonen dat het een plaats verdient tussen de groten der aarde.

2006

In mei zijn de werken aan de gigantische Drieklovendam voltooid. Door het temmen van de Yang-tzee-rivier met een dam van meer dan 2 kilometer breed, wordt het de grootste hydro-elektrische dam ter wereld.

Meer dan een miljoen Chinezen werden uit hun dorpen en steden onteigend.

2008

2008 zou het jaar van China worden met de Olympiade die dat jaar in Peking plaatsvond.

Rellen in Tibet, gevolgd door een verwoestende aardbeving in het binnenland dreigen de “coming out” van China te verstoren.

Maar de Spelen verlopen uiteindelijk relatief vlekkeloos. Chinese atleten halen maar liefst 51 gouden medailles. De Verenigde Staten klokken af op 36.

2009

In een jaar waarin de hele wereldeconomie in een recessie wordt gestort door de financiële crisis, houdt China stand en kan het land in de zomer van 2009 uitpakken met mooie groeicijfers.

Na 60 jaar aan de macht heeft de communistische partij geleerd zich aan te passen aan veranderende omstandigheden.

De rol van de partij is ook veranderd doorheen al die jaren. Eerst als verdrijver van de buitenlandse bezetters, vervolgens als motor van welvaart en de laatste jaren steeds meer als de hoeder van de natie die de ster van China aan de top van het internationale firmament heeft gebracht.