Vrees voor duizenden doden in Sumatra

Het aantal doden na de forse aardbevingen op het Indonesische eiland Sumatra loopt fors op. Er is nu officieel sprake van 1.100 doden, maar vele slachtoffers bevinden zich nog onder het puin. De reddingswerkers zijn bezig aan de strijd tegen de klok.

Sumatra was afgelopen nacht getroffen door een tweede aardbeving, met een kracht van 7 op de schaal van Richter. Het epicentrum lag in de regio Jambi, meer dan 150 kilometer van de westelijke stad Padang, waar gisteren de eerste aardbeving plaatsvond.

Rustam Pakaya, het hoofd van de crisiscel van het ministerie van Gezondheid, zei dat het aantal doden na de twee aardbevingen "wellicht in de duizenden zal lopen".

De reddingswerken worden bovendien bemoeilijkt door het regenweer en het gebrek aan machines om het puin te ruimen. De plaatselijke ziekenhuizen, waar de gewonden toestromen, zijn zelf vaak erg beschadigd door de aardbeving.

Intussen komt de internationale hulp wel op gang. Er is sprake van een eerste lading van 8 ton geneesmiddelen, 8 ton babyvoeding en tenten. De luchthaven van Padang is opnieuw open, en de hulp komt er mondjesmaat toe.

"Een van de zwaarste aardbevingen in jaren"

De balans na de eerste aardbeving, die een kracht van 7,6 op de schaal van Richter had, was al zwaar.

 In Padang, waar 900.000 mensen wonen, zijn honderden gebouwen ingestort, maar ook de regio rondom is zwaar getroffen. Er zijn in Padang al minstens 500 doden geteld, maar duizenden mensen zouden nog gevangen zitten onder het puin.

Op veel plaatsen zijn de elektriciteitsleidingen en de telefoonlijnen onderbroken, wat de communicatie met de getroffen regio's fel bemoeilijkt. De hulpdiensten worden ook gehinderd door zware regens.

Volgens de Indonesische overheid gaat het om een van de zwaarste aardbevingen van de laatste jaren. In 2006 was er nog een krachtige schok in Yogjakarta, waarbij meer dan 5.000 mensen omkwamen.