Brits premier: "Ik heb nooit iemand geslagen"

De Britse premier Gordon Brown ligt onder vuur. In een boek van een journalist van The Observer wordt Brown als een driftkikker omschreven die geregeld woedeaanvallen krijgt, medewerkers uitscheldt en zelfs geweld gebruikt. Brown ontkent in alle toonaarden.

De beschuldigingen staan in "The end of the party", een boek over de laatste jaren van het bewind van Labour, geschreven door Andrew Ransley, een politieke journalist van The Observer.

Downing Street 10 kan er allerminst om lachen. Een woordvoerder van premier Brown noemt de beschuldigingen over geweldplegingen "ongegrond" en "kwaadwillig".

Brown geeft wel toe dat hij soms boos wordt, maar geweld gebruiken doet hij naar eigen zeggen nooit. "Laat me duidelijk zijn om misverstanden te vermijden: ik heb nog nooit in mijn leven iemand geslagen", verdedigde de premier zich op de Britse televisie.

Volgens de Britse minister Peter Mandelson, een trouwe bondgenoot van Brown, kan de premier veeleisend zijn voor zichzelf én zijn medewerkers, maar hij "snauwt geen mensen af". "In het heetst van de strijd zeg je dingen en word je soms kwaad, vooral op jezelf dan. Ik ben koppig en heel vastberaden", zegt Brown zelf daarover.

Geruchten over een onderzoek naar de beschuldigingen tegen Brown worden door een woordvoerder van de premier ontkend. "Er is absoluut geen sprake van dat de secretaris van het kabinet een onderzoek over de behandeling van het personeel door Brown heeft gevraagd", klinkt het.