Stad Leuven krijgt boost door Museum M

De opening van het nieuwe museum M in Leuven vorig jaar en het eclatante succes van de expo "Rogier van der Weyden" straalt positief af op Leuven en zijn regio. Dat blijkt uit een publieks- en impactonderzoek. Daarin staat een regen aan interessante cijfers en percentages.

Belangrijkste vaststelling: een stedelijke overheid die investeert in cultuur wint op twee terreinen: de bekendheid en prestige van de stad groeien snel en de financiën varen er wel bij.

"Ontroerd door zo’n grote belangstelling…" is de titel van de studie die naar aanleiding van de "Rogier van der Weyden"-expo werd uitgevoerd. Precies 151.751 bezoekers kreeg het hagelnieuwe museum over de vloer. Globaal heeft de tentoonstelling € 3.777.488 gekost, maar de return was € 7.300.000 of elke geïnvesteerde euro bracht er één op of honderd procent winst.

Hoe valt deze meevaller te verklaren? Op de eerste plaats omdat een uitgebreide en sterke ploeg gewerkt heeft aan een kwalitatief hoogstaande tentoonstelling. Maar een tweede verklaring is ook de fascinatie van het publiek voor het schitterende nieuwe museum. En tel daarbij op een verstandige marketing, en het plaatje is rond.

En de makers van de tentoonstelling hadden afgesproken dat zij de "emotie" van van der Weyden centraal zouden stellen en niet het religieuze aspect. Met andere woorden: de vijftiende eeuwse meester werd toegankelijk gemaakt voor het grote publiek.

Hogere sociale klasse en ouderen

Opvallend is wel dat de lagere klasse en middenklasse de weg naar het museum (nog) niet vinden. Het zijn voornamelijk hoger opgeleiden, 55-plussers en bruggepensioneerden die een kaartje kochten.

Ondanks de inventieve en mooi uitgewerkte projecten om de tentoonstelling ook voor kinderen toegankelijk te maken, bleek slechts 5,1 procent van deze faciliteit gebruik te hebben gemaakt.

De meeste bezoekers komen uit Vlaams-Brabant, gevolgd door de provincie Antwerpen. Met zes procent is Wallonië slecht vertegenwoordigd, aldus de verantwoordelijken van het museum, maar Limburg doet het met 5,4 procent nog slechter.

En wat zijn de informatiebronnen? 60 procent leest de krant, 45 procent internet en pas dan - met 41 procent - de televisie. Internet is dus een snelle groeier die ook in de museale wereld een grote rol opeist.

Prestige voor de stad Leuven

Belangrijk is dat 94 procent van de niet-Leuvenaars speciaal voor het van der Weyden-evenement naar Leuven kwam afgezakt. Een bijzonder cijfer, omdat deze groep nadien de horeca verrijkte: 26 procent ging een glas drinken en 31 procent bezocht een restaurant.

En ook de buitenlanders boekten 20.000 keer een hotelkamer, waardoor Leuven het toeristische rampjaar 2009 prima overleefde. Uit onderzoek blijkt ook dat het imago van Leuven langzaam wijzigt: naast jeugdigheid, uitgaan en universiteit, vermelden steeds meer respondenten kunst en cultuur. 

Opgetogen burgemeester Tobback

Burgemeester Louis Tobback (SP.A) was bijzonder blij met de conclusies van deze studie. Hij stelt vast dat de Leuvenaar een tikkeltje meer chauvinistisch is geworden en misschien iets meer bewust is geworden van de historische kracht en internationale uitstraling van Leuven.

“In 2014 hebben wij een grote tentoonstelling over honderd jaar oorlog. Wel ik kom vandaag Leuvenaars tegen die denken dat in de Eerste Wereldoorlog van 1914-1918 Leuven plat is gebombardeerd. Dat klopt helemaal niet, er waren geen vliegende bommen. Maar ik moet ook toegeven dat ik niet wist dat Thomas More zijn wereldberoemde boek "Utopia" in Leuven heeft uitgegeven. Ik ging er altijd vanuit dat zoiets was gebeurd in Londen of desnoods in Antwerpen.” Over zes jaar staat de Engelse humanist en jurist Thomas More (1478-1535) centraal in Leuven.

En Tobback rondde het mooi af: “Dit museum zal bijdragen tot een groeiend historisch bewustzijn.”

Yves Jansen