"Slachtoffer Polanski kan proces niet stoppen"

De openbare aanklagers in het proces tegen filmregisseur Roman Polanski zeggen dat de vraag van het slachtoffer om de zaak stop te zetten, geen rechtmatige vraag is. "In de rechten van slachtoffers van criminele feiten staat daar niets over", stellen de aanklagers.

In 2008 heeft Californië de rechten van slachtoffers uitgebreid. Kort daarna diende de advocaat van Samantha Geimer, het slachtoffer van Polanksi, de vraag in om de rechtszaak van het openbaar ministerie tegen Polanski te annuleren. Maar die vraag is ongegrond, zeggen de openbare aanklagers. 

In de vernieuwde lijst van rechten voor slachtoffers van criminele feiten is het recht om een zaak stop te zetten nadat een klacht is ingediend, niet opgenomen. "Dit om te vermijden dat slachtoffers van criminele feiten onder druk van de daders, de publieke opinie of belangengroepen hun klacht zouden intrekken."

Het slachtoffer in de zaak, Samantha Geimer (foto), wil de klacht van 33 jaar geleden laten vallen, omdat het al te lang geleden is. "Door de recente aandacht voor de zaak word ik opnieuw in een slachtofferrol geduwd, terwijl ik de zaak gewoon achter me wil laten."

Filmregisseur Roman Polanski pleitte in 1978 schuldig voor onwettig seksueel contact met een minderjarige in 1974, in casu de toen 13-jarige Samantha Gailey (nu Geimer). Polanski kreeg 90 dagen de tijd om zich te melden bij de staatsgevangenis voor een psychologisch onderzoek om het rechtsproces af te ronden. Daarvan maakte Polanski gebruik om naar Frankrijk te vluchten.

In 2005 heeft de Amerikaanse overheid een internationaal opsporingsbevel uitgevaardigd tegen de man. Omdat Polanski in Frankrijk en Polen woonde, bleef hij buiten schot. De twee landen hebben nooit een uitleveringsverdrag ondertekend met de VS. Vorig jaar pakte de Zwitserse politie de man op, Polanski was in Zürich om een carrièreprijs in ontvangst te nemen. Na enige tijd in de gevangenis verblijft hij nu onder toezicht in zijn huis in Gstaad in Zwitserland.