5 minuten politieke moed werden 3 jaar gepalaver

Op 10 juni 2007 werd de Vlaamse politieke landkaart grondig hertekend. Door de klinkende kieszege van het Vlaams kartel CD&V/N-VA kwam er een eind aan de hegemonie van paars en kwam het communautaire thema weer hoog op de politieke agenda te staan. Wat volgde, was een lang en ingewikkeld politiek verhaal met een slecht einde.

“Vijf minuten politieke moed”: dat was volgens Yves Leterme nodig om de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde te splitsen. Daarbovenop zou een regering onder zijn leiding een nieuwe grote staatshervorming realiseren: daarover kon geen twijfel bestaan. Als voorzitter van CD&V had Leterme zijn lot verbonden aan de Vlaams-nationalistische N-VA om de macht van paars te kunnen breken, maar daardoor was hij een steeds meer Vlaamse toon gaan aanslaan. Ten zuiden van de taalgrens was het wantrouwen tegenover de CD&V-kopman dan ook groot.

Na de federale verkiezingen van 10 juni 2007 wordt CD&V/N-VA de grootste politieke formatie. Yves Leterme is met 796.521 voorkeurstemmen incontournable als premier van de nieuw te vormen regering. Het Vlaams kartel viert de zege met veel Vlaamse Leeuwen, tot afgrijzen van de Franstaligen, die zoveel stoerheid vooral als separatisme en extremisme beschouwen. In de straten van Brussel verschijnen Belgische vlaggen. Op de avond van de verkiezingen is het voor veel waarnemers duidelijk dat we woelige politieke tijden tegemoet gaan.

De lekken van Hertoginnedal

De koning stuurt de Waalse liberaal Didier Reynders (MR) even het veld in als informateur, maar dat is vooral windowdressing, want het is zonneklaar dat Yves Leterme de formateur wordt. En zo geschiedt ook als koninklijk bemiddelaar Jean-Luc Dehaene zijn opdracht vroeger dan verwacht teruggeeft aan de koning.

Op 16 juli start Leterme formatiegesprekken op kasteel Hertoginnedal. Enkele dagen later al schoffeert hij - zij het ongewild - veel Franstaligen door op de Nationale Feestdag de Marseillaise in plaats van de Brabançonne te zingen voor de camera van de RTBF. Het wordt hem niet echt in dank afgenomen.

Op Hertoginnedal vorderen de formatiegesprekken met CD&V/N-VA, Open VLD, CDH en MR moeizaam. Bovendien zijn er talloze lekken naar de pers die een mogelijk compromis telkens weer bemoeilijken of zelfs onmogelijk maken. De Vlamingen – Leterme en CD&V/N-VA voorop – willen die grote staatshervorming er absoluut doordrukken, terwijl de Franstaligen voortdurend op de rem gaan staan, vooral onder invloed van FDF’er Olivier Maingain en “Madame Non”, CDH-voorzitter Joëlle Milquet. Op 23 augustus trekt de formateur zijn conclusies.

Voor het eerst sinds de onafhankelijkheid van Congo –  50 jaar geleden – vraagt de koning raad aan zijn ministers van staat. Een bijdehandse fotograaf slaagt erin een nota met mogelijke oplossingen van Jean-Luc Dehaene te fotograferen. “Quid N-VA?”, staat er zwart op wit: het zouden profetische woorden blijken.

Op zoek naar vertrouwen, tevergeefs

Op 29 augustus wordt Kamervoorzitter Herman Van Rompuy (CD&V) het veld ingestuurd als koninklijk verkenner. Hij moet de tegenstellingen wegmasseren zodat de oranje-blauwe partijen weer aan de onderhandelingstafel kunnen aanschuiven.

De discrete aanpak van Van Rompuy slaat aan: de onderhandelaars houden hun ontboezemingen voor zich, het vertrouwen groeit en een maand later kan Yves Leterme een tweede formatiepoging wagen. Maar het zit er al gauw weer bovenarms op, zeker als de Vlaamse partijen op 7 november het Vlaamse splitsingsvoorstel voor Brussel-Halle-Vilvoorde goedkeuren in de bevoegde Kamercommissie (foto). De Franstaligen, die een onderhandelde oplossing over BHV verkiezen, boycotten de stemming.

Discrete pogingen mislukken om de formatiegesprekken weer vlot te trekken. Dat de Vlaamse regering dan nog de niet-benoeming van drie Franstalige burgemeesters in de Rand bevestigt, bevordert de wil tot onderhandelen bij radicale francofonen als Olivier Maingain allerminst. Er worden allerlei ultimata en eisen geformuleerd: de gesprekspartners zitten duidelijk weer op ramkoers. Op 1 december trekt de formateur voor de tweede keer zijn conclusies: exit Leterme.

De redder des vaderlands?

Op 17 december mag de door de christendemocraten zo verguisde Guy Verhofstadt (Open VLD) het puin komen ruimen. “Wie gelooft die mensen nog”, had Leterme hem tijdens de kiescampagne nog voor de voeten geworpen, maar nu slaagt diezelfde Verhofstadt er wel in om vrij snel een interim-regering te vormen. Daarbij wordt de PS aan boord gehesen.

Onder Verhofstadt III buigt een werkgroep onder leiding van Yves Leterme zich over het netelige probleem van de staatshervorming. En er wordt zowaar enig resultaat geboekt, zij het over de “borrelnootjes”: de onderhandelaars raken het eens over de splitsing van een reeks bevoegdheidspaketten zoals de wegcode, de sociale economie en het energiebeleid.

Hierdoor is de weg weer vrijgemaakt voor de terugkeer van Yves Leterme: op 20 maart legt de regering-Leterme I de eed af bij de koning.

Leterme premier, maar niet voor lang

De formatie van de nieuwe regering heeft nog nooit zo lang geduurd in de Belgische geschiedenis, en dat blijkt de voorbode van nog meer instabiliteit. De staatshervorming en de splitsing van BHV raken maar niet geregeld: Vlamingen en Franstaligen blijven lijnrecht tegenover elkaar staan.

Gevolg: Yves Leterme trekt op 14 juli alweer naar de koning. Die aanvaardt zijn ontslag niet, maar tovert drie bemiddelaars uit zijn hoed: Raymond Langendries (CDH), François-Xavier de Donnéa (MR) en Karl-Heinz Lambertz (SP, foto). Anderhalve maand later komen die met een verslag van welgeteld 1 pagina waarin ze stellen dat een grote staatshervorming nodig is.

De regering-Leterme blijft overeind, maar voor de N-VA is het nu welletjes: op 21 september trekt ze de stekker eruit, de parlementsleden van de Vlaams-nationalistische partij behoren voortaan tot de oppositie. De discussie over BHV en de staatshervorming wordt uit de schoot van de regering gelicht en verbannen naar de communautaire dialoog van gemeenschap tot gemeenschap. De regering valt uiteindelijk over de Fortis-affaire.

De koning wendt zich nu tot oudgediende Wilfried Martens om een uitweg uit de impasse te zoeken. Die slaagt er uiteindelijk in om Herman Van Rompuy aan het hoofd van een nieuwe regering met dezelfde partijen te krijgen. Op 31 december 2008 leest de “man van de rustige vastheid” zijn regeringsverklaring voor in het parlement. Yves Leterme verdwijnt voor een tijdje uit beeld en in de communautaire kikkerpoel blijft het relatief stil.

Leterme II: het herexamen

Herman Van Rompuy schopt het op 19 november 2009 tot voorzitter van de Europese Raad, waardoor ons land alweer zonder premier zit. De koning doet nogmaals een beroep op Wilfried Martens, die deze keer het pad moet effenen voor Yves Leterme en een methode moet vinden om een grote staatshervorming en een splitsing van BHV dichterbij te brengen.

De oplossing? Yves Leterme wordt premier en de heikele communautaire dossiers worden een kluif voor loodgieter Jean-Luc Dehaene, die als koninklijk bemiddelaar een oplossing moet zoeken met de regeringspartijen, aangevuld met Groen! en Ecolo. De vooropgestelde deadline voor die oplossing is Pasen 2010, maar even later wordt dat het einde van het paasreces, twee weken later.

Aan Vlaamse kant groeit het ongeduld, terwijl de Franstaligen enerzijds blijven herhalen dat ze een onderhandelde oplossing willen - hoewel men intussen al bijna drie jaar aan het praten is - en opperfrancofoon Olivier Maingain anderzijds de voorstellen van Dehaene blijft afketsen als “inbuvable”. Alexander De Croo, de kersverse voorzitter van Open VLD, neemt het niet dat een communautaire oplossing uitblijft en trekt de stekker uit de regering-Leterme II (foto). De Vlaamse liberalen willen BHV van de baan zodat er eindelijk werk kan worden gemaakt van een degelijk sociaal-economisch beleid.

Voor Leterme betekent dit de zoveelste exit. De vijf minuten politieke moed van 2007 blijken iets te zijn uitgelopen… zonder bevredigend resultaat.

Rik Arnoudt

lees ook