Tom Mahy: lucky bastard in Cannes

Elk jaar schrijft de culturele jongerenorganisatie CJP een wedstrijd uit met als inzet: een bezoek aan het festival van Cannes. Dit jaar won de 23-jarige filmstudent Tom Mahy uit Lochristi die wedstrijd. En dus trok hij van woensdag tot vandaag naar de mondaine badstad in het zuiden van Frankrijk.

Het werd een feest. Terwijl hij dacht dat hij er dag-in-dag-uit alleen maar films zou zien, veel zou slapen om daarna nog meer films te zien, draaide het iets anders uit. Ook een aantal feestjes werden zijn deel. Het is nodig, merkte hij op, om te socialisen. Anders geraak je niet out and about op het festival. Zeker gezien de badge die hij kreeg niet zo veel toegang tot films en evenementen toelaat. Hij voelde zich als het ware helemaal onderaan de voedselketen. Of toch bijna, want er lopen hier ook nog toeristen rond, vertelde hij laconiek.

Zeker is dat er soort hiërachie heerst in Cannes, met mensen die moeten slijmen bij de mensen die net iets meer mogen, om zelf ook meer te kunnen doen. Een beetje pervers vindt Mahy dat, maar het is blijkbaar hoe het wereldje (hier) draait.

Ondanks zijn witteproductentoegang, heeft hij evenwel zonder veel moeite een masterclass kunnen meemaken, met regisseur Marco Bellocchio (van het vorig jaar geselecteerde ‘Vincere’, foto) als tijdelijke mentor. De regisseur liet met graagte in zijn keuken kijken, van hoe hij verhalen opbouwt tot welke lens hij op welke moment gebruikt. Het zijn praktische tips die voor een filmstudent als Mahy zeer goed van pas kunnen komen.

De selectie van de Belg Gilles Coulier spreekt ook erg tot zijn verbeelding. Coulier is zelf nog filmstudent, zit in zijn derde jaar, maar werd door de Cinéfondation met zijn kortfilm ‘Ijsland’ al naar Cannes gehaald. Iets wat Tom Mahy aan het dromen zet. Hijzelf zit in zijn eerste jaar filmstudies, en zet zijn ambities (half gespeeld, half gemeend) scherp: binnen twee jaar moet het mogelijk zijn dat ook hij hier met een film staat.

Die films kunnen om over het even wat gaan, merkt Mahy op. Terwijl je als buitenstaander misschien de indruk krijgt dat na een toegankelijke openingsfilm als "Robin Hood" (foto) er vooral kunstzinnige, Europese cinema op het festival wordt gepresenteerd, blijkt niks minder waar. De meest uiteenlopende genres komen hier aan bod, en laagdrempeligheid is zeker geen issue.

Wat anders te denken van "Tamara Drewe", de nieuwe film van Stephen Frears. Een uitgesproken Britse comedy, maar wél ook een goeie film. En daar tegenover staat dan weer de Koreaanse prent "Ha ha ha", dat hier gisteren nog de hoofdvogel afschoot in de selectie Un certain regard. Ook humoristisch, maar qua stijl heel anders, minder gepolijst, minder rechtlijning qua verhaalstructuur, ‘off beat’ zoals dat dan in het goed Nederlands heet. Net die diversieteit in het aanbod maken Cannes zo interessant.

De voorbije dagen zijn als een droom voor Tom Mahy geweest: nieuwe films zien, mensen ontmoeten die inspirerend werken, bijleren over hoe films gemaakt worden, bijleren over hoe het wereldje ineen zit, en ondanks de schuchtere eerste stappen die hij hier nu zet, zich toch ook al een beetje in dat wereldje opgenomen voelen. Al is de weg nog lang, er twinkelt toch al een koelkastlichtje aan het einde van de tunnel.

Kevin Major