Vrouw uit Maldegem schuldig aan kindermoord

De jury van het hof van assisen in Gent heeft de vrouw uit Maldegem die verdacht wordt van de moord op haar pasgeboren zoontje, schuldig verklaard. De jury had tweeënhalf uur nodig om tot de beslissing te komen. De straf zal morgen worden bepaald.

De juryleden verwezen in de motivering onder meer naar de vaststellingen van de wetsgeneesheer. "Het lijdt geen twijfel dat de baby het zoontje is van de beschuldigde. Het ging om een voldragen, levend ter wereld gekomen kind van 4 kilo 260 gram dat slechts enkele minuten geleefd heeft. De beschuldigde heeft steeds geheugenverlies geveinsd en veinst het nog altijd. Ze is clandestien bevallen in een voor haar gewoonte langere verlofperiode en heeft beslist om zich in alle discretie van haar baby te ontdoen."

Verdediging vroeg vrijspraak

De verdediging van de vrouw had om haar vrijspraak gevraagd. De advocaten gaven de jury mee dat hun cliënte altijd een goede werkster en een goede moeder geweest is. De vrouw verklaarde voor het assisenhof dat ze het kind gebaard heeft op het toilet, maar het nooit gezien heeft en dat haar ex zei dat hij alles wel zou opkuisen. "We zeggen hier niet dat er een andere strafrechtelijke schuldige is, maar de vader was moreel aanwezig", zei advocaat Piet Van Eeckhaut.

"Deberdt kent er niks van"

Nina Van Eeckhaut ging dieper in op het fenomeen van zwangerschapsontkenning. "Het bestaat, het is wetenschap en het komt in alle lagen van de bevolking voor. Deberdt (de gerechtspsychiater die stelt dat ze bewust was van de zwangerschap, nvdr.) kent er niets van. Haar hoofd, geest en hart hadden niet aanvaard dat ze zwanger was."

Wat de feiten betreft, liet de verdediging de mogelijkheid open dat de vrouw "onachtzaam" geweest is na de bevalling. "Misschien liep het kind een schedelfractuur op door de traumatiserende bevalling", zei Nina Van Eeckhaut.

"Een andere mogelijkheid is dat haar handen gedaan hebben wat haar hart verafschuwt en haar hoofd niet kan bevatten. Ze was onderhevig aan hevige emoties en hormonale pieken. Ze beviel in totale eenzaamheid, ze moet radeloos geweest zijn. In die situatie is er geen sprake van doorgedreven morele schuld. Als u ervan overtuigd bent dat ze de feiten niet wetens en willens gepleegd heeft, moet u nee antwoorden op de schuldvraag."

"Bewustwording bij de bevalling"

In de replieken had het openbaar ministerie gesteld dat de zwangerschapsontkenning voor de verdediging het "allesverschonende fenomeen" omvatte. "Zelfs als we het aanvaarden, is het zo dat de vrouwen zich op het moment van de bevalling altijd bewust worden van de geboorte. Als ze bekomen zijn van de schrik, koesteren andere vrouwen hun kind in de armen. Niet zo bij de beschuldigde", zei aanklager Inge T'Hooft.

"Ik speel geen toneelstuk"

In haar laatste woord zei de beschuldigde: "Ik speel geen toneelstuk. Het zit vanbinnen, maar het komt er moeilijk uit. Ik ben niet meer de vrouw die ik vroeger was. Het besef dat er een derde kind geweest is, is er pas sinds een paar maanden. Mijn kind zou er intussen vijf geweest zijn. Het zou voor mij makkelijker zijn, moest ik weten wat er gebeurd is. Mezelf kennende, zou ik dan zeker mijn verantwoordelijkheid nemen", aldus de beschuldigde.