Congo als stripverhaal

Een halve eeuw Congolese geschiedenis gezien door de (roze) bril van 8 jonge Congolese striptekenaars. Dat is het opzet van de strip "Congo 50". Het resultaat is een best onderhoudend, maar niet echt kritisch kettingverhaal.

De tweeling Dipanda en Lipanda wordt geboren op 30 juni 1960, onafhankelijkheidsdag. De strip "Congo 50" volgt de belevenissen van eerst hun ouders en daarna van de twee kinderen zelf tussen 1960 en 2010, een woelige halve eeuw. Acht tekenaars van "BD Kin Label", een club van Congolese striptekenaars hebben die 50 jaar geschiedenis in evenveel periodes onderverdeeld. De strip begint in Leopoldstad, met de toespraak van Patrice Lumumba en eindigt met het feest voor vijftig jaar onafhankelijkheid, in Kinshasa. 

Levensvreugd en "plantrekkerij"

De euforie van de "indépendence" ebt snel weg, er ontstaat oproer in de jonge natie. De ouders van Lipanda en Dipanda raken van elkaar gescheiden, beginnen aan een odyssee doorheen het enorme land. Is het ene probleem overwonnen, duikt er wel een nieuwe hindernis op. Maar wie tegen wie vecht, wie het land in de miserie stort, daarover zwijgen de tekenaars zedig.

De huurlingenleiders Schramme en Renard, ja die worden wel met naam genoemd. Wanneer de zaïrisering van de Congolese economie wordt aangekondigd, wordt een karikatuur van de blanke baas/fabriekseigenaar opgevoerd. En als de zaïrisering mislukt, dan is dat de schuld van het westen. Wie in Goma, vlak bij Rwanda, de vluchtelingenkampen aanvalt, komen we evenmin te weten. Het zijn "opstandelingen".

De strip toont vooral de levensvreugd, de overlevingsdrang, de "plantrekkerij" van de gewone Congolees, de kracht om elke keer opnieuw van nul te kunnen en te willen herbeginnen. Het geduld, de lach, de humor, het belang van familie, de gave van de belangeloze hulp. Troeven die wij allang niet meer in onze boek kaarten hebben.

Kasavubu en Co

Hoewel de hoofden van Kasavubu, Mobutu en Kabila Senior en Junior de cover van de strip sieren, worden hun namen amper vermeld, wordt de rol die ze gespeeld hebben in de teloorgang van de Congolese natie in het midden gelaten. Kennen de jonge Congolese tekenaars de geschiedenis van hun land niet, of hebben ze een andere kijk, een andere kijk dan wij, nazaten van de kolonisator? Of keek er iemand mee over hun schouders, wanneer ze tekenden? 

Africalia

De strip "Congo 50" is tot stand kunnen komen met steun van Africalia, een initiatief van de Belgische ontwikkelingssamenwerking.

Africalia wil duurzame menselijke ontwikkeling bevorderen (zegt de flaptekst) door het ondersteunen van culturele organisaties en hedendaagse Afrikaanse artiesten. Ook Roularta heeft als mede-uitgever zijn duit in het zakje gedaan. Het is een erg verzorgde uitgave, een kleurrijke ook, wat uitstekend past bij het kleurrijke Congo. Maar aan de vertaling in het Nederlands hadden de initiatiefnemers best wat meer aandacht mogen besteden: "Is alles gereed voor de doopplechtigheid? Ze zal plaatsvinden, maar ik heb een hekel aan zulke praktijken."

Louis van Dievel