Jimmy Dean: worstenbaas en zeepzanger

De ene dode is de andere niet. Politici, schrijvers, zangers, filmsterren en atleten halen wel de pers wanneer ze heengaan, maar niet iedereen krijgt een even groot afscheid. Lukas De Vos geeft de vergeten doden alsnog de in memoriam dat ze verdienen.

In 1982 draaide Robert Altman Come Back to the Five and Dime Jimmy Dean, Jimmy Dean. Een pulpverhaal met pulpfiguren en pulpaktrices als Cher, Kathy Bates en Karen Black. De film draaide de soep in. Hij was bedoeld voor sissies, en was op dat niveau ook gehouden. Jammer, Jimmy Dean had beter verdiend.

Alleen, de Jimmy Dean uit de titel was niet de echte Jimmy Dean, maar de in 1955 verongelukte rockgigolo James Dean, de acteur uit Giant, East of Eden en Rebel without a Cause. Ten onrechte. Ook de Five and Dime Store, de Amerikaanse Krak zeg maar (alles aan vijf frank !), had beter verdiend dan het bordkartonnen saloon dat moest doorgaan voor zo’n snosselwinkel.

De echte Jimmy Dean, Amerika’s antwoord op Eddy Wally, is pas nu heengegaan. Kenners herinneren zich zijn funest optreden als Kalifornisch miljardair in Diamonds are Forever (1971), de James Bond-film. Grieners laten zich nog altijd meeslepen door zijn nepballade Big Bad John, de heldhaftige mijnwerker. Een countrydweil die zowat alle Texaanse radiostations sinds 1961 blijft teisteren, het ekwivalent van Ik Spring uit een Vliegmachien. Fantastisch ! Geweldig ! En hoerenchance, want de miljoenenverkoop verhinderde dat hij werd afgedankt door Columbia. In 1968 kweelde hij A Thing called Love, vier jaar voor Johnny Cash. Zet daar maar Chérie tegenover !

Onze Jimmy Dean dus (Ray met zijn tussennaam) leerde zoals Eddy Wally in het kerkkoor zingen in de Seth Ward kerk der baptisten, en schakelde dan over op entertainment voor de troepen en de radio. Hij kreeg zijn eigen TV-show. The Jimmy Dean Show lanceerde als eerste een pianospelende handpop, hond Rowlf, de voorloper van de Muppets en van (“My name is”) Alf (“and I’m stuck on earth”). Na drie jaar stapte hij helaas over naar de film (zie hoger).

Het verstand komt niet voor de jaren, en dat bleek in 1969, toen hij zijn eigen worstenfabriek opstartte (echo’s van VdB zijn cervela’s en van de Sanspareilsaucissen zijn nooit ver weg. Worsten werden voor Dean wat sacochen voor Wally waren). Dean verkocht, en goed ook, omdat hij zijn eigen vrolijke reclames maakte.

Tot hij werd uitgekocht door het latere Sara Lee concern, dat hem bij het oud vuil zette in 2004 vanwege te tandeloos om nog worsten te knakken en te overleefd om nog grappig te zijn. Dean sloeg terug met de pikante autobiografie Dertig Jaar Worsten, Vijftig Jaar Hesp. Gerechtigheid geschiedde: hij stierf in zijn zetel voor zijn tv, terwijl hij met smaak een curryworst naar binnen werkte (klein gesneden).

Hij was zo rijk dat hij een schenking deed van één miljoen dollar aan een universiteit in zijn geboortestreek, puur uit contentement omdat het hem zelf zo voor de wind was gegaan (al had hij Sina nimmer gezien; wel vergat hij nooit zijn armoedig begin als trekzakspeler in een kroeg bij de luchtmachtbasis Bolling). Minder compassie had hij met de zwijnen. Zijn hele familie slachtte varkens, hij mocht die krijsende beren de kop inslaan met de botte kant van de bijl.

Daarna brandde hij het vel af, hakte de karkassen open en draaide hompen lever en spek duchtig door de molen, moeder stak een handje toe door peper te strooien tussen bloed en vet en gehakt. Overspelige pa, een predikant, was toen allang vertrokken.

Op amper zes maand tijd was hij al uit de rooie. Zijn succes schreef hij zelf toe aan zijn spaarzaamheid. Ook toen zijn huis in de fik ging vorig jaar, en al zijn foto’s met Elvis verloren waren gegaan, greep de kranige tachtiger gewoon naar bijl en mortel, troffel en houweel, en herbouwde zijn landhuis bij Richmond dat uitkijkt op de Jamesrivier. Hier wou hij ook begraven worden. Hier is hij begraven. Teruggekeerd naar zijn five and dime country, wetende dat hij geen dollar mee kon nemen. Maar zijn laatste frankfurter, die heeft hem deugd gedaan.

Lukas De Vos