"A Whale" getest in de Golf van Mexico

In de Golf van Mexico worden proeven gedaan met een grote olietanker die uitgerust is om water te zuiveren. Op het schip worden olie en water van elkaar gescheiden en het schone water wordt teruggepompt in zee. Intussen zijn de kosten van de olieramp in de Golf van Mexico voor BP al opgelopen tot meer dan 2,3 miljard euro.

Het Taiwanese schip A Whale zou de hoeveelheid opgezogen olie in de Golf in één klap verdubbelen. De olietanker werd na de explosie van het boorplatform Deepwater Horizon door reder TMT Shipping omgebouwd tot het grootste veegvaartuig ter wereld.

A Whale -zoals de naam aangeeft- werkt ook als een walvis en laat water binnen via twaalf sleuven. In het schip zelf worden dan olie en water gescheiden. Het water stroomt buiten en de olie belandt in tanks. A Whale zou 500.000 vaten met olie vervuild water per dag verwerken. Uit de lekke put stromen dagelijks naar schatting 30.000 tot 60.000 vaten olie.

De Amerikaanse kustwacht en BP willen de tanker eerst testen. Experts twijfelen of de schoonmaakoperatie veel zal uithalen.

Het olielek ontstond op 22 april toen een boorplatform van BP explodeerde. BP betaalt voor het dichten van het olielek op de zeebodem en het opruimen van de gelekte olie, en vergoedt de inwoners van de getroffen kustgebieden. Het bedrijf heeft tot nu toe 95.000 schadeclaims ontvangen. De kosten voor BP zouden oplopen tot meer dan 2,3 miljard euro