Noodtoestand Bangkok met 3 maanden verlengd

De Thaise overheid heeft de noodtoestand in de hoofdstad Bangkok en in 18 provincies met 3 maanden verlengd, omdat er nog steeds antiregeringsprotest dreigt.

De noodtoestand is al van kracht sinds begin april en gold aanvankelijk in de hoofdstad Bangkok en 23 provincies, een derde van het totale aantal provincies. Door de noodtoestand zijn samenscholingen van meer dan 5 mensen verboden en de politie en het leger krijgen extra slagkracht. Zo kunnen mensen tot 30 dagen vastgehouden worden buiten de normale wetten om.

De Thaise regering is van mening dat er nog steeds "situaties zijn die van nabij moeten worden opgevolgd" in de hoofdstad en 18 provincies, vooral in het noorden van het land waar veel zogenoemde roodhemden wonen. Zij kwamen de afgelopen maanden vandaaruit naar de hoofdstad afgezakt om tegen de regering te protesteren. In 5 provincies werd de noodtoestand wel opgeheven.

Gedurende 9 weken van protest zijn bijna 90 mensen om het leven gekomen, onder wie vooral demonstranten. Meer dan 1.400 mensen raakten gewond. Sinds het einde van de demonstraties en de ontruiming van een kamp van de roodhemden in het centrum van Bangkok op 19 mei, blijft het geweld in het land echter voortduren.

De roodhemden zijn aanhangers van de voormalige eerste minister Thaksin Shinawatra, die in 2006 door een militaire staatsgreep van de macht werd verdreven. Ze bestaan vooral uit de arme stedelijke en landelijke bevolking, activisten en politici die trouw bleven aan Thaksin. De meeste leiders van de roodhemden werden opgepakt.