De grootste spionnenruil sinds de Koude Oorlog

Op de luchthaven van Wenen hebben de Verenigde Staten en Rusland enkele opgepakte spionnen geruild. De snelle deal over de uitwisseling duidt erop dat het beide landen menens is met de verbeterde relaties.

Eind vorige maand hebben de Verenigde Staten in New York tien Russische spionnen opgepakt. Die werden vandaag op het vliegtuig naar de Oostenrijkse hoofdstad Wenen gezet. Daar werden ze geruild voor vier mensen die in Rusland gevangen zaten wegens contacten met Westerse inlichtingendiensten.

De Russische spionnen zijn volgens ooggetuigen ondertussen al geland in Moskou, de vier anderen zijn aangekomen in Groot-Brittannië.

Dat de uitwisseling op "neutraal" grondgebied gebeurde (dus niet op Russische of Amerikaanse grond), is gebruikelijk bij dit soort operaties. Het gaat om de grootste spionnenruil tussen de twee grootmachten sinds het einde van de Koude Oorlog, ruim twintig jaar geleden. Spionnen uitwisselen, de zogenoemde "spy swap", was toen een gangbare praktijk, maar daar raakte zelden iets over bekend.

Dat er snel een akkoord werd bereikt over de ruil, betekent dat zowel de regering-Obama als de regering-Medvedev de vaste wil hebben om de verbeterde relaties niet opnieuw in het gedrang te brengen.

Volgens de Wall Street Journal werd de ruil van spionnen tussen de Verenigde Staten en Rusland onderhandeld door de hoofden van de buitenlandse inlichtingendiensten van de VS en Rusland. De onderhandelingen werden aan Amerikaanse zijde gevoerd door Leon Panetta, directeur van de CIA, en een niet nader genoemde ambtsgenoot aan Russische zijde, zo citeert de krant bronnen die het dossier kennen.