Opnames gevonden van CIA-ondervraging 9/11

Er zijn opnames opgedoken van de ondervragingen van een hoofdverdachte van de aanslagen van 11 september 2001. Hij was een tijdlang in Marokko. De tapes zijn dus een eerste concreet bewijs dat de Amerikaanse inlichtingendienst CIA geheime gevangenissen in het buitenland heeft.
Ramzi Binalshibh op een recente foto uit de Guantánamo-gevangenis, waar hij nu is.

Ramzi Binalshibh werd op 11 september 2002, exact een jaar na de aanslagen op de Twin Towers in New York, opgepakt in Pakistan. De nu opgedoken opnames, 1 klank- en twee video-opnames, zouden dateren van kort na zijn arrestatie. De ondervragingen gebeurden in een gevangenis in de Marokkaanse hoofdstad Rabat.

In 2005 zei de CIA nog dat alle klank- en videobanden van ondervragingen van terreurverdachten vernietigd waren. Maar het Amerikaanse persbureau zou de drie tapes van Binalshibh in 2007 gevonden hebben in een doos onder een tafel in een CIA-gebouw. Pas nu heeft het persbureau dat nieuws bekendgemaakt, en de Amerikaanse overheid bevestigt dat de tapes nog bestaan.

De betekenis van de opgedoken opnames is niet gering. Vooreerst zouden ze het proces voor de militaire rechtbank erg kunnen bemoeilijken. "We voeren een procedure in Guantánamo, waar ze Ramzi Binalshibh ter dood willen veroordelen", zegt de advocaat van Binalshibh, "en nu komen we dit te weten."

Maar bovenal zijn de opnames het eerste -en waarschijnlijk enige- concrete bewijs dat de Verenigde Staten geheime gevangenissen voor terreurverdachten heeft of had in het buitenland. Tot vandaag waren daar veel vermoedens over, maar geen bewijzen. In die geheime gevangenissen zouden vaak omstreden ondervragingstechnieken, foltering zeg maar, worden toegepast. Op deze opnames zou dat niet het geval zijn.