Oudste landplanten zijn al 472 miljoen jaar oud

In Argentinië zijn fossiele sporen van landplanten van 472 miljoen jaar geleden teruggevonden. Het zijn de oudst bekende sporen van planten op het land. Ze zijn tien miljoen jaar ouder dan tot nu toe was aangenomen.

De fossiele resten van soorten mossen werden gevonden in de streek rond Mendoza, aan de voet van de Andes. Ze zijn 472 miljoen jaar oud en dateren uit het Ordovicium (488-443 miljoen jaar geleden). Argentinië maakte toen deel uit van het grote zuidelijke paleocontinent Gondwana.

De fossielen zijn tien miljoen jaar ouder dan de tot nu toe oudst bekende plantenresten die eerder waren ontdekt in Saudi-Arabië en Tsjechië. Omdat de resten uit Argentinië al vrij goed ontwikkeld zijn, moet het leven op het land al veel ouder zijn geweest.

Het Ordovicium was een erg warme periode, waarin het zeepeil veel hoger lag dan nu. Het leven in zee was toen al erg ontwikkeld met onder meer schaaldieren, weekdieren, inktvissen en de eerste vissen.

Op het einde van de periode was er een forse afkoeling die veel soorten deed verdwijnen. De landplanten hielden evenwel stand. Op de eerste landdieren was het evenwel wachten tot de volgende periode, die van het Devoon.