PPP, ofte Public Private Paintings in Mu.ZEE

Na een bijzonder succesvolle tentoonstelling "Bij Ensor op bezoek" pakt Mu.ZEE in Oostende opnieuw uit met een publieksvriendelijke tentoonstelling. PPP of Public Private Paintings is de titel en daarvoor werden schilderijen van ruim honderd Belgische en buitenlandse artiesten samengebracht.

Het is een grote groepstentoonstelling van werken die werden gemaakt tussen de eeuwwisseling en vandaag. Getracht werd de nieuwe generatie schilders samen te brengen. Dat is een relatief begrip want er doen best wat ‘oudjes’ mee zoals Gerhard Richter (°1932) en Marlène Dumas (°1953, foto onder) en wat blijken die springlevende kunst te maken.

Voor deze grote collectie deed Mu.ZEE een beroep op het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst (S.M.A.K.) uit Gent, het Museum voor Hedendaagse Kunst uit Antwerpen of M HKA, en vijftien Vlaamse en Brusselse collectioneurs.

"Het is een eerbetoon aan de privéverzamelaars. Wij hebben het geld niet om een dergelijk ensemble samen te stellen," verduidelijkt Phillip Van den Bossche, directeur-conservator van Mu.ZEE.

"Voor mezelf had ik een lijst met zeventig kunstenaars samengesteld. Ik hoopte werk van hen terug te vinden bij privéverzamelaars. Dat is ons aardig gelukt. Interessant was ook om onze keuze te toetsen aan die van de collectioneurs. Eigenlijk is dit een oefening in zelfkritiek: zien de musea belangrijke kunstenaars niet over het hoofd en die dan terecht worden opgevist door private kunstkopers? En ja hoor, ik heb bij mijn bezoek aan de vijftien verzamelaars een aantal ontdekkingen gedaan," concludeert Van den Bossche.

En later voegt hij daaraan toe: “ Mijn voorganger Willy Van den Bussche kocht uitsluitend Belgische kunst en die politiek wil ik verder zetten. Maar er is een maar. Hadden wij uitsluitend tien jaar Belgische kunst getoond dan hadden we onze kunstenaars opgeborgen in een soort reservaat. Dat wilden we vermijden en daarom dat we ze hebben samengebracht met internationale generatiegenoten zodat er een relatie tussen beiden ontstaat.”

De bekende hedendaagse buitenlandse schilders zijn er, namen die we zelden te zien krijgen in onze galeries en musea, en die we alleen maar kennen uit de gespecialiseerde kunsttijdschriften. Die keuze is meteen een mooie verdienste van Mu.ZEE.

Waarom schilderkunst?

Deze expositie toont bijna uitsluitend schilderkunst, hier en daar is er een collage en twee video’s te zien, maar installaties en beelden zijn er niet.

Mu.ZEE wil hier inspelen op een tendens die einde jaren negentig ontstond: de schilderkunst mocht weer. Onder meer Luc Tuymans en Gerhard Richter verklaarden niet de oorlog aan de conceptuele collega’s maar lieten duidelijk voelen dat de schilderkunst absoluut niet dood was. En de geschiedenis heeft bewezen dat ze geen ongelijk hadden.

Valt die ‘jonge’ generaties kunstenaars binnen een strekking of een -isme onder te brengen?

Absoluut niet. Om het heel kort samen te vatten: alle kunststromingen zijn er, van de negentiende eeuwse scholen over avant-garde tot schilderijen geënt op digitale media.

Het referentiekader voor de huidige schilders is zowat oneindig. De tentoonstelling zelf is soms thematisch opgebouwd – en daarbij legt het onderwerp van de afbeelding de link tussen de doeken – ofwel naar techniek bv bij collage en dergelijke.

Een prachtig voorbeeld van een vorm van collage is het schilderij van de Franse Bernard Frize (°1954, foto) die experimenteert met gedroogde vellen verf die hij aanbrengt op het doek. Of hij blinddoekt zich en vraagt aan een ‘ziende’ hem aanwijzingen te geven bij het schilderen.

Aankopen van Mu.ZEE

Voor Mu.ZEE is deze expositie een prima gelegenheid om enkele van de eigen aankopen te tonen. Daarbij zijn er onder meer twee knappe doeken ( olieverf op canvas ) van Walter Swennen (°1946) en ook twee werken ( ook olieverf op canvas ) van de jongere Michaël Van den Abeele (foto).

"Wij kopen nooit één werk aan. We proberen op termijn een klein oeuvre van de kunstenaar te verwerven," licht Phillip Van den Bossche toe.

Wat ons opviel was de sterke vertegenwoordiging ( de Amerikanen blijven sterk!) van de Duitse en Centraal Europese kunstenaars. Dat betekent dat de Vlaamse en Brusselse verzamelaars zeer actief zijn in Berlijn en in mindere mate in Dresden en dat Parijs en daarbij ook de Romaanse landen tot nader orde ( nog) niet aan zet zijn.

Arbitraire maar mooie keuze

Het is onbegonnen werk om de meer dan honderd werken te bespreken. En natuurlijk zijn er namen die er niet bij zijn bv Luc Tuymans. "Wij hebben geprobeerd om een werk van Tuymans vast te krijgen. Het had gekund maar dan dateerde het doek van voor de eeuwwisseling. Dat kon niet want de werken mochten niet ouder zijn dan tien jaar," aldus Phillip Van den Bossche.

Dat wijst op een sterke band tussen economie en kunst. De werken van bij voorbeeld Tuymans worden bij voorkeur verkocht aan internationaal gerenommeerde musea en zeer kapitaalkrachtige collectioneurs. De hogere prijzen passen niet langer in het budget van de Belgische musea en verzamelaars. Er is wel een klein doek van Michaël Borremans afkomstig uit het S.M.A.K.

Wie zijn er niet: zo op het eerste gezicht noteerden we de namen van bij voorbeeld Tom Liekens, Sam Dillemans … maar ook hier is het lijstje onbegrensd. Dat wijst er op dat deze kunstenaars recent niet werden aangekocht door de drie musea noch door de vijftien grote collectioneurs.

Deze tentoonstelling kan geen volledigheid nastreven en de bezoekers moeten zich neerleggen bij de keuze die door Mu.ZEE werd gemaakt. En die selectie is arbitrair, boeiend en zelfs evenwichtig.

De informatie bij elk schilderij is voortreffelijk: een heldere wat langere tekst over wie de kunstenaar is, welke techniek hij gebruikt en waarom hij belangrijk of interessant is.

Elke bezoeker ontvangt een handig boekje. Mu.ZEE heeft de reputatie de jonge bezoekertjes in de watten te leggen en dat doen ze ook nu. In het boekje staan leuke opdrachtjes.

“Het liefst zie ik kinderen in het museum. En liefst zo jong mogelijk. Je kan er niet vroeg genoeg mee beginnen”, vertelt Phillip Van den Bossche ons terwijl een klasje neerzit voor een werk van Tina Gillen (°1972). Zij borstelde een slingerende weg tussen berg en bos. De opdracht: "Het doek is begrensd. Maar deze afbeelding vraagt om de weg verder te zetten. Wat ligt er achter de bergen?" En toen gingen verschillende vingertjes in de lucht, maar luistervinken, neen dat doen we niet in een museum.

Yves Jansen