Proces tegen Jean-Pierre Bemba van start

Voor het Internationaal Strafhof in Den Haag is het proces tegen de voormalige Congolese militieleider en vicepresident Jean-Pierre Bemba van start gegaan. Bemba wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

De militie van Bemba, de Mouvement de Libération du Congo (MLC), zou tussen oktober 2002 en maart 2003 moorden, verkrachtingen en plunderingen hebben gepleegd. De militieleden werden naar Centraal-Afrika gestuurd om het regime van president Ange-Félix Patassé te ondersteunen.

Daarnaast wordt Bemba ook vervolgd voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid. Volgens het openbaar ministerie zouden de militieleden gedurende vijf maanden mannen, vrouwen en kinderen verkracht hebben. Iedereen die weerstand bood, werd gedood.

"De troepen van MLC introduceerden een regime van angst onder de bevolking van Centraal-Afrika, in de hoop om zo de tegenstanders te destabiliseren", zo luidt het volgens de aanklagers. Bemba, die in april 2008 in Brussel werd opgepakt en die een levenslange celstraf riskeert, zou op de hoogte zijn geweest van de misdaden begaan door zijn troepen.

"Dit proces heeft een voorbeeldfunctie, militaire leiders die hun troepen misdaden laten begaan moeten weten dat ze vervolgd kunnen worden", zegt de openbare aanklager Moreno Ocampo (foto links). "Ze moeten begrijpen wat wettelijk is en wat niet", zegt Ocampo, "de wet maakt een onderscheid tussen een militaire leider en een misdadiger".

Volgens de verdediging van Bemba hebben de troepen "gevochten onder de Centraal-Afrikaanse vlag". "Het zijn de Centraal-Afrikaanse autoriteiten die instonden voor de leiding en de discipline van de troepen", aldus Aimé Kilolo, een van de advocaten van Bemba.

Het is nog maar het derde proces dat voor het Internationaal Strafhof voorkomt sinds de oprichting in 2002. Verwacht wordt dat het proces enkele maanden zal duren.