Vlaamse onderwijs scoort slecht voor burgerzin

Het Vlaamse onderwijs scoort niet goed in het aanleren van democratische waarden. Dat blijkt uit een internationale vergelijkende studie. Veertienjarigen hebben weinig geloof in maatschappelijke en democratische waarden en staan negatief tegenover migranten.

In ons land werd de studie uitgevoerd door onderzoekers van de VUB en de UA. Ze ondervroegen bijna 3.000 veertienjarige scholieren, 1.630 leraars en 151 schooldirecteurs.

In vergelijking met Europese leeftijdsgenoten bengelen de Vlaamse scholieren achteraan. Ze zien het nut van geschiedenis niet in en volgen het politieke debat veel minder. Ze voeren weinig of geen politieke discussies en zien geen redenen om te betogen of te protesteren. Nergens in Europa, behalve in Nederland, hebben jongeren zo'n negatieve houding tegenover migranten. Andere levenswijzen en gewoonten kunnen op weinig begrip rekenen. Het passieve burgerschap weerspiegelt zich ook op school: in theorie vinden leerlingen participatie op school positief, in de praktijk blijken het makke leerlingen.

"We oogsten wat we gezaaid hebben", zegt Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A, kleine foto) in de krant De Morgen. Hij is verontrust over "het opzichtige gebrek aan politieke betrokkenheid". Voor Smet kan het inzetten van masters in de lagere jaren van de middelbare school een deel van de oplossing vormen, al bedoelt hij niet dat de bachelors niet voldoen.

Niet op alle gepeilde normen scoren de Vlaamse scholieren slecht. Vlaamse jongeren geloven in de gelijkheid tussen man en vrouw en zetten zich actief in voor het milieu en voor goede doelen, zo blijkt nog uit de studie.