Kerkganger wordt stilaan bedreigde soort

Het zondagse kerkbezoek neemt jaar na jaar af. Van de Vlamingen tussen 5 en 69 jaar oud gaat slechts 5,4 procent nog wekelijks naar de zondagsmis. In 1976 was nog 36 procent. Het aantal doopsels en begrafenissen blijft wel stabiel. Dat schrijft De Standaard.

Dat cijfers komen uit de studie "Kerkpraktijk in Vlaanderen" die Marc Hooghe, politicoloog aan de K.U.Leuven, heeft gemaakt.

Voor het eerst sinds 1998 telden de parochiepriesters het aantal aanwezigen tijdens de zondagsmis nog eens. De resultaten liggen volgens de studie in de lijn van wat al enkele decennia aan de gang is: een continue en geleidelijke afkalving van het zondagse kerkbezoek.

In 1976 ging 36 procent van de Vlamingen tussen 5 en 69 jaar nog wekelijks naar de zondagsmis. In 1998 was dat 13 procent. En in 2009 daalde dat aandeel tot 5,4 procent, of 247.000 mensen. "Als we de gegevens van de voorbije decennia op een rijtje zetten, zien we een zeer gelijkmatige afname van de zondagsmis. Je kunt bijna perfect voorspellen dat er jaarlijks ongeveer 0,8 procent minder kerkgangers zullen zijn", legt Hooghe uit. Als deze trend doorzet, blijven de kerken in 2016 op zondag leeg.

Doopsels scoren wel, huwelijken veel minder

De populariteit van doopsels en begrafenissen staat in contrast met het afkalvende "gewone" kerkbezoek. Die cijfers zijn de voorbije jaren min of meer op hetzelfde niveau gebleven. Van alle overledenen wordt 71 procent kerkelijk begraven. En 67 procent van de Vlaamse kinderen wordt kerkelijk gedoopt. De kerkelijke huwelijken zijn wel gedaald van 30 procent in 2006 naar 26 procent vorig jaar.

In West-Vlaanderen en Limburg liggen de cijfers van het kerkbezoek een stuk hoger dan in de rest van Vlaanderen. Volgens Hooghe heeft de kerk in die provincies nog steeds een belangrijke sociale functie, toch zeker op het platteland. In de verstedelijkte gebieden rond Antwerpen, Gent en Brussel is de kerkpraktijk het laagst.

Grote verschuivingen naar aanleiding van de zaak-Vangheluwe verwacht Hooghe niet. "We zullen het effect pas volgend jaar zien in de cijfers, maar ik denk niet dat oudere mensen hun levenslange gewoonte gaan opgeven door een schandaal", zegt hij in De Standaard.