"Wij hebben de waarheid nooit willen wegstoppen"

Aartsbisschop André-Joseph Léonard heeft getuigd in de Kamercommissie over seksueel misbruik binnen de kerk. Net als kardinaal Godfried Danneels gisteren neemt hij geen persoonlijke verantwoordelijkheid op. Léonard heeft wel maatregelen aangekondigd binnen de Belgische katholieke kerk.

Na de getuigenis van kardinaal Godfried Danneels gisteren werd vandaag met heel wat aandacht uitgekeken naar wat aartsbisschop André-Joseph Léonard zou vertellen voor de commissie. Onder massale persbelangstelling nam Léonard plaats om zijn verklaring -alleen in het Frans- voor te lezen.

"Ik zit hier vandaag in drie hoedanigheden, als voormalig bisschop van Namen, als aartsbisschop van Mechelen-Brussel en, in die functie, als voorzitter van de bisschoppenconferentie", vatte Léonard aan. Hij stelde nadien nadrukkelijk dat hij als aartsbisschop van Mechelen-Brussel alleen zeggenschap heeft over wat er in dat bisdom gebeurt, niet over de andere bisdommen.

Léonard herhaalt daarmee wat zijn voorganger Danneels gisteren in de Kamercommissie heeft gezegd. Danneels bracht toen aan wat hij eerder al eens had gezegd: dat hij aartsbisschop niet de baas was van alle bisschoppen, en dat hij dus geen juridisch gezag had over de andere bisschoppen en over hun bisdommen.

"Daders moeten vergiffenis vragen"

Op 23 april nam Roger Vangheluwe ontslag als bisschop van Brugge nadat bekend geraakt was dat hij jarenlang zijn neef had misbruikt. "Als voorzitter van de bisschoppenconferentie heb ik toen een oproep gelanceerd aan alle slachtoffers om zich te melden bij het gerecht of bij de commissie-Adriaenssens (die misbruik binnen de kerk onderzocht, nvdr)."

"Die commissie liet toe dat slachtoffers die niet naar het gerecht wensten te stappen, toch hun verhaal konden doen. Ik was bereid de aanbevelingen van de commissie te volgen, maar ik betreur dat haar werk vernietigd werd door de huiszoekingen in het aartsbisdom Mechelen-Brussel en de inbeslagnames van alle dossiers op 24 juni."

"Op 19 mei heb ik als voorzitter van de bisschoppenconferentie, samen met de andere bisschoppen, een brief ondertekend waarin we aan de slachtoffers vergiffenis vragen voor het misbruik en de slechte manier waarop de kerk daarop gereageerd heeft", aldus Léonard. Hij wijst erop dat de brief vooral belangrijk was als "psychologische steun" voor de slachtoffers.

"De brief was tegelijkertijd ook ambigu, omdat zij die hem tekenden, zich zelf niet schuldig hadden gemaakt aan dergelijke feiten. Het spreekt voor zich dat het altijd in eerste instantie de daders moeten zijn die vergiffenis moeten vragen aan hun slachtoffers."

Net als Danneels gisteren kwam er dus ook bij Léonard vandaag geen persoonlijke verontschuldiging en schoof hij de verantwoordelijkheden van zich af.

"Altijd de kaart van de transparantie"

Sinds Léonard aartsbisschop is, heeft hij geen enkele klacht ontvangen over misbruik door priesters binnen zijn bisdom. Wel kreeg hij een lijst van 20 vermeende daders van de commissie-Adriaenssens. "Maar", zo beklemtoont Léonard, "ik heb slechts hun naam en voornaam gekregen. Meer gegevens of details over de aard van de feiten heb ik niet, want de dossiers zijn sinds de huiszoekingen in juni nog altijd in handen van het gerecht. Wij zullen de nodige maatregelen en sancties treffen zodra die dossiers aan ons worden overgemaakt."

Als bisschop van Namen had hij weet van 8 gevallen van misbruik in zijn bisdom. Hij beklemtoont dat hij daarbij altijd streng heeft opgetreden en de kaart van de transparantie" heeft getrokken. Hij heeft altijd de kant van de slachtoffers gekozen, maar zich ook over de verdachten ontfermd, maar zonder daarvoor te kiezen voor "camouflagestrategieën waar in het verleden soms werd voor geopteerd".

Léonard haalde een geval van ernstig misbruik aan waar hij als bisschop van Namen tussenbeide is gekomen. "In afwachting van zijn juridische veroordeling liet de rechtbank hem terugkeren naar zijn parochie, waar hij zijn kerkelijk ambt gewoon kon blijven uitoefenen. Ik heb dan de zware canonieke procedure opgestart om hem uit zijn pastoorsambt te ontzetten."

De aartsbisschop wees ook op de moeilijkheden waarmee hij werd geconfronteerd en op het belang van het vermoeden van onschuld. "Soms wil een slachtoffer geen klacht indienen bij het gerecht. Dan kan een canonieke procedure worden opgestart. Als er toch -en gelukkig- een klacht komt, is een bisschop deontologisch genoodzaakt om die canonieke procedure stop te zetten en het juridische oordeel af te wachten. Een bisschop kan dan slechts enkele disciplinaire maatregelen treffen. Als die te radicaal zijn, loopt hij het risico aangeklaagd te worden omdat hij het vermoeden van onschuld niet gerespecteerd heeft."

"Schadevergoedingen nu niet aan de orde"

"Voor de toekomst is het belangrijk dat we blijven luisteren naar de slachtoffers en hun immense leed. Dat is een van de taken van justitie en van speciale vertrouwenscentra. Na het opdoeken van de commissie-Adriaenssens blijven we ook binnen de kerk luisteren. In elk bisdom is er een kleine groep opgericht waarbij slachtoffers hun verhaal kunnen doen. In sommige gevallen kunnen zij beslissen dat het relevant is dat ook de bisschop persoonlijk naar hun verhaal luistert."

"Wij hebben de waarheid nooit willen wegstoppen", benadrukt Léonard. "Wij willen ook nooit teruggrijpen naar eender welke vorm van camouflage om de waarheid te verdoezelen. Ook al werd en wordt in alle lagen van de bevolking weleens geprobeerd om de waarheid toe te dekken, helaas ook binnen de kerk in België en daarbuiten."

Over de vraag of de kerk in België schadevergoedingen aan de slachtoffers moet uitbetalen, wilde Léonard zich voorlopig niet uitspreken. Die vraag is bijzonder complex, zei de aartsbisschop, "behalve als het gaat om de dader zelf of de religieuze verantwoordelijke die niets heeft ondernomen om een herhaling van dergelijke feiten te voorkomen." Voorts is het aan het gerecht om uit te maken of een instituut, waarvan de verantwoordelijken zelf niet persoonlijk betrokken zijn in de feiten, een schadevergoeding moet uitbetalen aan de slachtoffers.

Léonard kondigde voorts aan dat er een deontologische code en een handleiding voor de opvang van slachtoffers zal komen. In de opleiding van toekomstige priesters zal er ook bijzondere aandacht worden besteed aan het "affectieve evenwicht" van de priesters. Priesters zullen ook beter begeleid worden bij het uitoefenen van hun taak.