ZEB krijgt gelijk van kortgedingrechter

De winkelketen ZEB heeft van de rechter in kort geding gelijk gekregen in zijn verzet tegen de dwangsommen die werden opgelegd omdat de koopjeswet niet nageleefd werd.

Officieel beginnen de koopjes pas op 3 januari. Tot die dag geldt er een wettelijke sperperiode waarin kortingen niet openlijk mogen worden geafficheerd. De winkelketen ZEB vindt dat echter disciminerend en in strijd met de Europese regels. Daarom begon ZEB vorig zaterdag al met de koopjes.

De ondernemersorgaisaties Unizo en het NSZ dienden daarop een eenzijdig verzoekschrift in bij de rechtbank van Kortrijk. Die legde de winkelketen een dwangsom van 10.000 euro per overtreding op. ZEB tekende daartegen verzet aan en heeft nu in kort geding gelijk gekregen. De rechter oordeelde dat de ondernemersorganisaties in de zaak een gebrek aan belangen hebben.

Bij ZEB wordt tevreden gereageerd. "Die uitspraak ligt in lijn met eerdere uitspraken", klinkt het. "De klant staat centraal en daar moeten we ook naar blijven handelen. Hij moet zelf kunnen kiezen wanneer hij een aankoop doet", zegt CEO Luc Van Mol.

Unizo en NSZ vinden de uitspraak echter onbegrijpelijk. ZEB komt weg met illegale praktijken wegens een onjuist procedureel argument, klinkt het. De organisaties betreuren dat de kern van de zaak niet beslecht werd, maar ondernemen voorlopig geen verdere stappen. Ze wachten nog op twee uitspraken ten gronde.