"Te veel en vaak ongerechtvaardigd" naar de spoed

Ruim de helft van de bezoeken aan de spoeddienst is op het eerste gezicht "niet gerechtvaardigd". Dat blijkt uit een studie van het socialistische ziekenfonds. Het ziekenfonds pleit voor extra maatregelen om dit percentage terug te dringen. Anderzijds waarschuwt het ziekenfonds voor onterechte financiële bestraffing van de patiënt.

Het aantal bezoeken aan de spoed blijft stijgen. In 2008 stond de teller net niet op 2 miljoen. Vandaag is die kaap overschreden. Dat is een zorgwekkende evolutie, vooral omdat niet elk gebruik van de urgentiediensten gerechtvaardigd is.

Het socialistische ziekenfonds wilde een beter zicht krijgen op het profiel van de patiënten die naar de spoed stappen en op het "gerechtvaardigd" gebruik van de spoed. Het analyseerde daartoe zijn gegevens van 2008.

Wie stapt naar spoed?

17 procent van de leden stapte in 2008 naar de spoed.

  • Jonge kinderen, adolescenten en oudere personen doen het vaakst een beroep op de spoed.
  • Rusthuisbewoners of zorgafhankelijke mensen trekken meer naar de spoeddiensten dan de rest van de bevolking.
  • Sociaal kwetsbare personen gaan vaker naar de urgentiediensten.
  • Brusselaars doen meer een beroep op de spoed dan de Walen en de Vlamingen. Ook tussen de provincies zijn grote verschillen merkbaar.

"Gerechtvaardigd" of niet?

Belangrijk is de vraag of mensen al dan niet terecht naar de spoed stappen.

Het socialistische ziekenfonds bakende zes criteria af waarover medisch weinig discussie bestaat dat het gebruik van de spoed "gerechtvaardigd" is.

  1. een bezoek aan de spoeddienst gevolgd door een ziekenhuisopname
  2. een doorverwijzing door een huisarts (of gebracht door de 100 of de mug)
  3. het gebruik van de gipszaal
  4. een overlijden van de patiënt binnen de 24 uren
  5. een bevalling binnen de 3 maanden
  6. een consultatie van een psychiater op de spoed

Volgens deze zes criteria is 56 procent van de bezoeken aan de spoed "ongerechtvaardigd". 44 procent krijgt het etiket "gerechtvaardigd". Hiervan is 28 procent doorverwezen door de huisarts of gebracht via de ambulance, 16 procent voldoet aan een van de vijf andere criteria.

Deze laatste groep maakt een "gerechtvaardigd" gebruik van de spoed, maar wordt toch financieel gestraft omdat ze niet doorverwezen is door de huisarts. Of met andere woorden: een op de zes patiënten die een beroep doet op de spoeddiensten wordt onterecht bestraft.

Andere vaststellingen

  • Hoe ouder de patiënt, hoe zorgvuldiger hij omspringt met de spoed.
  • Het spoedgebruik van zorgafhankelijke personen is meer "gerechtvaardigd".
  • Het "gerechtvaardigd" gebruik van de spoed ligt hoger in Vlaanderen dan in Wallonië en zeker hoger dan in Brussel. Tussen de provincies binnen een regio zijn tevens merkbare verschillen.
  • De huisarts is een belangrijke filter. De helft van de mensen die doorverwezen werden door de huisarts of door de ziekenwagen werden binnengebracht, werd gehospitaliseerd. Bij de mensen die niet doorverwezen werden, bedraagt dit percentage 14 procent.

Wat te doen?

Het socialistische ziekenfonds trekt lessen uit deze studie en lanceert een aantal voorstellen.

Het ziekenfonds pleit enerzijds voor meer maatregelen om het "ongerechtvaardigd" gebruik van de spoed terug te dringen, zoals het stimuleren van wachtposten, de uitbreiding van het derdebetalerssysteem en het afschaffen van remgelden bij dringend beroep op de huisarts.

Het ziekenfonds vindt anderzijds dat het systeem van "gerechtvaardigde" doorverwijzing uitgebreid moet worden met een aantal specifieke situaties, zoals een hospitalisatie of een bezoek aan de gipszaal. De huidige wetgeving moet daarom worden aangepast.