Westen zoekt naar effectievere aanpak in Libië

Na Groot-Brittannië gaan nu ook Frankrijk en Italië militaire adviseurs naar Libië sturen om de rebellen te steunen in hun strijd tegen kolonel Moe'ammar al-Khaddafi. Grondtroepen zijn nog steeds "uitgesloten". Maar de rebellen zelf vragen nu voor het eerst om internationale troepen.

Zowat een maand geleden nam de internationale actie tegen het regime van Khaddafi een aanvang. Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten namen het voortouw, nu vinden de operaties vooral onder de vlag van de NAVO plaats. Ook vandaag heeft de NAVO enkele militaire doelwitten gebombardeerd. Maar de gevechten op het terrein concentreren zich nu al enkele weken rond Misurata in het westen en Ajdabiya in het oosten.

Resolutie 1973 van de Veiligheidsraad van de VN bepaalt dat de internationale gemeenschap alles moet doen om het geweld van Khaddafi tegen burgers tegen te gaan, enkel "een bezettingsmacht" is uitgesloten. Dat veroorzaakt discussie: zijn "boots on the ground" daarmee helemaal uitgesloten volgens de internationale afspraken?

Gisteren besliste Groot-Brittannië om militaire adviseurs naar Libië te sturen om de rebellen te adviseren. Vandaag stuurt Parijs een tiental militaire verbindingsofficieren naar Benghazi, het rebellenbolwerk. Frankrijk wil ook het aantal luchtaanvallen in Libië nog opdrijven. Ook Italië stuurt tien militaire inspecteurs. Beide landen benadrukken dat het niet om grondtroepen gaat en dat de militairen niet zullen mee vechten.

De Verenigde Staten steunen de beslissing, klinkt het in een mededeling van het Witte Huis. Ook president Barack Obama overweegt om "niet-dodelijke steun" aan de rebellen te verlenen. Dat betekent dat de VS de rebellen vooralsnog niet willen bewapenen, maar ook het Witte Huis overweegt instructeurs te sturen. "Maar de president blijft erbij dat er geen grondtroepen in Libië komen", klinkt het.

In diplomatieke kringen in Parijs, Londen en Rome gaan steeds meer stemmen op om de militaire druk op het regime van Khaddafi nog op te voeren, zonder buiten de resolutie te gaan. "Khaddafi zal enkel de macht verlaten onder militaire druk", zegt de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Franco Frattini. "Hij is een bloeddorstige dictator."

Maar stilaan dringt een dilemma zich op voor de westerse machtshebbers: Sarkozy, Cameron en Obama beseffen dat de strijd in Libië nog lang kan duren en ze willen de rebellen steunen tegen Khaddafi. Maar tegelijk dreigt een mogelijke hogere inzet van militaire middelen hen onpopulair te maken.

Desondanks zijn de rebellen zelf voor het eerst vragende partij voor een buitenlandse troepenmacht. "Om burgers te kunnen beschermen, zijn er troepen nodig, alleen al om de doorgang van humanitaire hulp te verzekeren", zegt Abdel Hafiz Ghoga, een woordvoerder van de Nationale Raad, de overgangsregering van de rebellen. En Abdel Jalil, een leider van de Nationale Raad, gaat nog verder: "Wij verwachten dat de coalitie belangrijke slagen toebrengt. Khaddafi moet zo snel mogelijk weg, om meer bloedvergieten te voorkomen." Jalil zei dat op de Franse zender France24 na zijn ontmoeting met Sarkozy.

Beroemde oorlogsfotograaf omgekomen in Misurata

In Misurata, de enige stad in het westen waar de rebellen nog standhouden, werd ook vandaag hevig gevochten.

Volgens getuigen vielen daarbij verschillende burgerslachtoffers. Voor het eerst sinds het begin van het gewapende conflict in Libië is ook een buitenlandse journalist omgekomen. Het gaat om de bekende Brits-Amerikaanse oorlogsfotograaf Tim Hetherington, die in 2007 nog de World Press Photo-prijs kreeg voor zijn foto's over de oorlog in Afghanistan. Hij kwam om bij een mortieraanval van Khaddafi's troepen in de buurt van de frontlijn in de Tripolistraat. Drie andere journalisten raakten zwaargewond.

Navi Pillay, de hoge commissaris voor de Mensenrechten bij de VN, zegt dat Khaddafi's troepen "mogelijk oorlogsmisdaden begaan" in Misurata. Het gaat dan om de bombardementen op ziekenhuizen. Het Internationaal Strafhof in Den Haag gaat waarschijnlijk een arrestatiebevel indienen tegen Khaddafi en zijn zonen wegens oorlogsmisdaden.