De schilder van de dodo in Kortrijk

Precies vijfentwintig jaar geleden organiseerde het toenmalige Museum voor Schone Kunsten in Kortrijk een grote tentoonstelling rond de schilder Roelandt Savery. In 1604 werd hij in Praag de hofschilder van Rudolf II. Hij werd bekend met zijn idyllische en romantische taferelen met dieren en zijn stillevens met bloemen. Vandaag is hij opnieuw in Kortrijk, in het Broelmuseum, met een expositie die eerst in de Tsjechische hoofdstad te zien was.

De Belgische editie werd fraai verrijkt met nooit eerder getoonde taferelen op paneel of op papier. Maar Savery blijft voor eeuwig de schilder van de uitgestorven dodo, de loopvogel die in "Alice in Wonderland" een belangrijke rol speelt.

Van geboorte is Roelandt Savery (1576-1639) een Kortrijkzaan. De stad aan de Leie bevond zich tijdens de zestiende eeuw in een diepe crisis: de stad was in de greep van de pest, de landbouw en de economie lagen op apegapen, en er woedde een godsdienstoorlog waardoor de Calvinistische familie Savery op de vlucht sloeg. Samen met vele stadsgenoten vestigden zij zich in het Nederlandse Haarlem, en later in Amsterdam.

De jonge Roelandt kreeg zijn schildersopleiding van zijn oudere broer Jacob die zich sterk liet inspireren door zijn leermeester, de Mechelaar Hans Bol (1534-1593) die in de zestiende eeuw een soort encyclopedie van het dierenrijk had getekend. Ook Roelandt heeft dit naslagwerk goed bestudeerd.

Naar Praag en terug

Roelandt die ongehuwd zou blijven, wilde naar het buitenland, naar Praag. Begin zeventiende eeuw vroeg Keizer Rudolf II één van zijn hofschilders Spranger op reis te gaan naar de Nederlanden om op zoek te gaan naar kunstenaars die in de geest van Pieter Brueghel de Oude konden schilderen.

Hoe Roelandt Savery uiteindelijk aan het hof is gekomen, is zo goed als onbekend. Vaststaat dat hij in 1604 "Plundering van een dorp" (olieverf op paneel, foto in tekst) maakte. De compositie, de uitwerking en stoffering is volledig geënt op "Kindermoord te Bethlehem" van Brueghel, een werk dat in het bezit was van de keizer. Mogelijk heeft die aan Roelandt gevraagd de kindermoord zo aan te passen dat het op een plundering zou gelijken.

Later vroeg Rudolf II hem naar de Tiroolse Alpen te reizen om er tekeningen en schilderijen te maken van de landschappen, dieren en bloemen. Savery tekende "naar het leven", een tendens die na de middeleeuwen sterk opkwam en waarbij het idee groeide dat God de schepper van natuur en mens is. En daarom hechtten onder meer kunstenaars en wetenschappers veel belang aan mens en natuur. Rudolf II had een grote collectie "naturalia" zoals levende en opgezette dieren, planten en bloemen.

Savery kon zo goed à la Brueghel tekenen dat het tot in 1967 heeft geduurd voor een tachtigtal tekeningen niet langer aan Brueghel maar aan Savery zelf werden toegeschreven.

Het zijn figuur- en compositiestudies van arbeiders, drinkebroers en bedelaars die Roelandt bestudeerde in en rond Praag. Zijn observaties gingen zo ver dat hij in de marge notities maakte over de kledij en de accessoires.

Na de dood van Rudolf II keerde Roelandt Savery in 1616 terug naar de Nederlanden. Via een ommetje in Amsterdam vestigde hij zich definitief in Utrecht waar zijn neef Hans zijn assistent werd. Het ging hem voor de wind. Helaas werden drank, vertier en een malafide aangetrouwd familielid zijn metgezellen waardoor hij een half jaar voor zijn dood failliet werd verklaard.

De vrije fantasie

Ongeveer tweehonderdvijftig schilderijen – de meeste op paneel, de kleinste op koper en enkele grote werken op doek – aangevuld met heel veel tekeningen heeft Roelandt Savery tijdens zijn leven gemaakt. Hij schilderde op een romantische, maniëristische manier waarbij hij de dieren op een haast encyclopedische wijze vorm gaf.

En de anatomie en onderlinge verhoudingen van de dieren klopten nooit omdat hij zich dikwijls alleen maar kon baseren op afbeeldingen. De bizon, de leeuw (die schijnbaar altijd lacht), de struisvogel, en de faunaap die sterk op een grote kat gelijkt, het zijn allemaal dieren die hij enigszins hoekig op het paneel schilderde.

Wat er ook van zij, de werken van Roelandt Savery blijven aantrekken, bekoren en maken de kijker week. Wie kan weerstaan aan de speelse eekhoorns ("na de zondvloed"), de lieflijkheid van de zwanen of de intens vrolijke blik van de herten (foto in beeld), moet wel een hart van steen hebben.

Terecht schrijven de samenstellers van de mooie catalogus dat Savery sterk was in het harmonische samengaan van de fantastische landschaps- en dierenschilderkunst. Hij weet te spelen met het licht dat steeds vanuit de linkerhoek uitgestrooid wordt waardoor een subtiel spel van licht- en schaduwpartijen ontstaat, de lucht geeft hij leven, maar wat zo charmeert is vooral de sterke coloriet waarmee hij de dieren in al hun schoonheid portretteert.

Overigens is het opvallend dat de dieren met meer liefde worden geschilderd dan de schaarse personages die op zijn afbeeldingen te zien zijn.

Ook de landschappen en decors zijn compositorisch en niet naar de werkelijkheid geschilderd. Op vele werken staat een vervallen toren. Waarschijnlijk die van het Italiaanse Tivoli bij Rome, een stad waar Roelandt schijnbaar nooit is geweest.

Op sommige schilderijen is er een imaginaire stad te zien gehuld in een witte nevel met een roze of blauwe schijn waardoor deze verborgen stad neigt naar symbolisme.

Uit de catalogus van 1974: "Savery houdt van verrassende zonlichteffecten, romantische ruïnes, rotsachtige heuvels, dichterlijke wouden en bergrivieren. Gesteund door een levendige verbeelding, schildert hij droomtaferelen, fantastische, bijna surrealistische landschappen."

Bekend van de dodo

De dodo of walgvogel leefde in de bossen van het eiland Mauritius. Hij moet zowat één meter hoog geweest zijn en kon tot vijfentwintig kilogram wegen. Omdat het dier geen natuurlijke vijanden kende, leefde het gelukkig en vredevol tot de Nederlandse kolonisten het eiland inpalmden en dodo’s zagen als een lekker brokje voor zichzelf en hun huisdieren.

Enkele decennia later was de dodo verdwenen. Het is niet duidelijk of in de dierentuin van Rudolf II er een echte dodo heeft geleefd of dat er een opgezet exemplaar stond. Feit is dat Savery de dodo tien keer heeft geschilderd, één paneel hiervan hangt op de expositie.

Lewis Carroll (1832-1898) verwerkte de dodo in zijn wereldberoemde boek "Alice in wonderland", waar de dodo een karikatuur is van de schrijver zelf. In de verzameling van de Engelse koninklijke familie bevonden zich werken van Savery.

Is dierenschilderkunst een apart genre? Cultuurhistorici zijn het daar niet over eens. Isabelle De Jaegere, conservator van het Broelmuseum, is echter formeel: “Het schilderen van dieren is een apart genre. Het valt niet onder het stilleven omdat een stilleven een schilderij is waarmee gepronkt wordt. Daarom dat de afbeelding dikwijls een jachttrofee, een voorraadkamer, een gedekte tafel en of de mooiste huisraad voorstelt. Het schilderen van een bloemstuk is een memento mori, bloemen verwelken, de mens is sterfelijk. Deze factoren spelen niet mee in de dierenschilderkunst.”

Roelandt Savery is een prachtige tentoonstelling. Toegegeven, zijn stillevens halen niet het niveau van zijn tijdsgenoot Frans Snyders die terecht de Rubens van de stillevenschilderkunst wordt genoemd. Zijn dieren vechtend, stoeiend en spelend in sprookjes en mythes blijven telkens opnieuw bekoren. Een unieke gelegenheid om vandaag een veertigtal werken van Roelandt Savery samen te zien. Na Kortrijk keren de werken terug naar de bruikleengevers, en dan is het opnieuw vijfentwintig jaar wachten.

Yves Jansen

Roelandt Savery, tot 11 september
Broelmuseum, Kortrijk
www.savery.eu