We gingen, zouden en moesten winnen!

Het waren magere, uiterst magere jaren geweest, de Vlaamse deelnames aan het Eurovisie Songfestival. Pas De Deux, Linda Lepomme en Ingeborg gingen af als een gieter en kwamen met erg lege handen thuis. Er moest dus een tandje bij gestoken worden om de Vlaming opnieuw geïnteresseerd te krijgen voor dit jaarlijkse muziekcircus. En dus toverde de VRT een gouden konijn uit zijn hoed: de megapopulaire tienergroep Clouseau mocht in 1991 naar Rome afzakken met het uptemponummer "Geef het op". Vlaanderen herleefde.

Diep vanbinnen wist iedereen dat we met zo’n topgroep niet konden verliezen, want "zelfs Studio Brussel volgt via Eurosong-kenner en nieuwslezer André Vermeulen de gebeurtenissen in Rome" (De Morgen, 29/4/1991). Tja, als Studio Brussel al interesse toonde.

Dat het Clouseau menens was, bewees de groep door enkele dagen voor de finale helemaal live op te treden op de Piazza di Spagna, in het hart van historisch Rome. Als dat geen teken van zelfverzekerdheid was, zonder blikken of blozen je muziektalent live(!) etaleren. De media berichtten uitgebreid positief over het optreden. Het thuisfront smulde ervan en bleef geloven in die eindoverwinning. Al had een schrijfsel in Gazet van Antwerpen ons eigenlijk terug op de grond moeten zetten: "Koen Wauters is in Rome een jongeman als een andere die net als iedereen in een fastfoodzaak netjes op zijn beurt moet wachten en zijn cola ook nog moet betalen" (2/5/1991). Maar de meesten onder ons kwamen toen niet verder dan: hoe durven ze?

Al vanaf het moment dat bekend raakte dat Clouseau ons land zou vertegenwoordigen volgden hoeraberichten elkaar op. Jan Geysen, toenmalig chef amusement bij de BRT, droomde al: "Als Clouseau wint, zouden we om uitstel kunnen vragen, en het festival dan pas binnen twee jaar kunnen brengen, in 1993, als Antwerpen culturele hoofdstad van Europa wordt." (11/3/1991).

"Ronduit beschamend"

De champagne stond op 4 mei in vele huiskamers dan ook koud, vrienden waren opgetrommeld, de kinderen mochten langer opblijven. Allemaal om een Songfestivalavond van oudsher te beleven. In hun slechtste Engels verwelkomden presentatoren Gigliola Cinquetti en Toto Cutugno Europa in een decor dat nauwelijks grandeur uitstraalde, ook al was er een heus orkest aanwezig.

België kwam als 18e aan de beurt en, toegegeven, op het moment zelf vond iedereen het "geweldig". Vooral het beeld van een uithalende Koen Wauters met een massa violen op de achtergrond maakte velen zelfs even emotioneel. Dat premier Wilfried Martens en gemeenschapsminister van Cultuur Patrick Dewael uitgebreid voor Clouseau’s optreden in beeld kwamen, daar werd hartelijk om gelachen in de huiskamers.

Maar dan kwam de verdomde puntentelling. Het was wachten tot land 6, vooraleer we punten kregen en dan waren het nog maar drie punten. Veel beter werd het niet, met nog twee keer vijf punten als opsteker. Uiteindelijk behaalde Clouseau 23 punten en belandde dus bij de eindafrekening in de vergeetput. "De puntendeling was bij ogenblikken ronduit beschamend", schreef Het Laatste Nieuws (6/5/1991). De Vlaming voelde zich terecht boos.

In De Morgen was te lezen dat "de BRT wil nadenken over verdere Songfestivaldeelname". Directeur-generaal Jan Ceuleers vond zelfs dat "de editie in Rome nog maar eens bewees dat het eigenlijk om een holle traditie gaat die in stand gehouden wordt". Vele Vlamingen konden zich na het debacle hierin ook wel vinden. Maar twee jaar later hadden we onze les blijkbaar nog altijd niet geleerd: Barbara -"Wat heeft die aan?"- Dex eindigde in Millstreet op de allerlaatste plaats…
 

"Baby Doll" zette Songfestival 1991 op de kaart

Muzikaal was de editie van 1991 zeker geen tegenvaller. De Franse Amina veroverde de harten en nadien ook de hitparades met het zweverige "C’est le dernier qui a parlé qui a raison". De Portugese Dulce Pontes werd later een van de bekendste fado-zangeressen. Het oog werd dan weer verwend door de Zwitserse Sandra Simo, wiens optreden een aaneenrijging van close-ups opleverde, en de Britse (actrice) Samantha Janus, minimaal gekleed in roze lingerie.

Maar 1991 zal vooral herinnerd worden dankzij de Joegoslavische Baby Doll, die als een Amy Winehouse avant la lettre -slecht gekapt, slecht geschminkt en slecht gekleed- zich al klanken voortbrengend door haar nummer werkte. Op het einde van haar lied hadden de belachelijke danspasjes zoveel energie gevraagd dat er van zingen nog nauwelijks sprake was. Haar optreden leverde haar één punt (van Malta) en eeuwige roem op…

Mon Knevels