Hans Teeuwen: de komiek, de gek, het fenomeen

“Spiksplinter”, dat is de nieuwe show van Hans Teeuwen. Dan toch is hij teruggekomen op zijn besluit om geen theater meer te maken. Terug op de planken dus. En hoe. Raak, gevat en snedig als altijd, maar toch iets meer bedaard dan vroeger.

“Disco inferno” door de boxen van de Stadsschouwburg in Antwerpen. Het zaallicht dimt en je verwacht een rockband op het podium. Toch als je afgaat op het gejoel uit de tot de nok gevulde zaal. Teeuwen komt op, met die typische korte stapjes van hem, gekleed in een sober zwart pak en hij begint met het publiek te converseren. Sympathiek, vrolijk en minzaam. Hij zal de zaal bijna twee uur lang niet meer loslaten.

Teeuwens theater blijft onconventioneel en atypisch. Geen politiek correcte en maatschappijkritische beschouwingen, geen kadans van tekstje-liedje-tekstje, geen geoliede overgangen in tekst en decor. Neen, hij hakt en kapt nog altijd. Elke seconde loert de verrassing om de hoek. Teeuwen spreekt, fulmineert, stokt het tempo, knuffelt verbaal de zaal, vliegt plots naar zijn piano, begint aan een nieuw stukje, klieft een mening in tweeën en laat af en toe de halfgek in zich opkomen.

Halfgek of genie, het is bij momenten onduidelijk. Teeuwen bezit een scala aan talenten waar zowat al zijn collega’s jaloers op zijn. Hij heeft het charisma van een rockster, kan wonderwel acteren, zingt fantastisch, is ook zeer begaafd als pianist, heeft de mimiek van een clown, beweegt zo gecontroleerd als een turner én heeft een jukebox aan stemmetjes en typetjes in zich.

Wat passeert, zijn hilarische sneren naar Michael Jackson, naar de islam, naar minderheidsgroepen en naar wereldmuziek. Hij schetst zijn eigen hilarische sprookjesbos, zingt schlagers en blues, imiteert André Van Duin, lanceert een absurde reclamespot, kust een meisje uit het publiek, geeft zijn interpretatie van moderne dans en verklaart zijn liefde aan een grote gele knuffel.

Maar de inhoud staat soms in de schaduw van de vorm. Zijn woorden zijn hilarisch, scherp, doordacht en met een perfecte timing geplaatst, maar alles vervaagt bij het fenomeen op het podium. Teeuwen is nu eens lief, dan eens sexy, dan plots is hij de brullende man: de schuttingwoorden is hij nog niet verleerd, al gebruikt ie ze zelden of nooit gratuit. Hij is de roepende gek, de zachte verteller. Teeuwen toont het allemaal en palmt de immense zaal in. Het podium is op een piano na leeg, maar Teeuwen vult het volledig met zijn performance.

Want dat is het. Teeuwen is eerder performer dan cabaretier, eerder entertainer dan theatermaker. Teeuwen is het genre ontstegen en is een stijl op zich geworden. Zo eigen, zo specifiek. Meer dan ooit is ie samen met Theo Maassen dé vaandeldrager van zijn generatie komieken.

En het publiek? Jaja, wild enthousiast. Grotendeels rond de dertig, gul van lach, joelend en wild en terecht rechtstaand klappend op het einde. Een fenomeen moet je nu eenmaal koesteren en aaien. Want Hans Teeuwen is een publieksspeler met de trekken van een genie. En een gek. Als dat al niet hetzelfde is.

Peter Decroubele

Spiksplinter

Hans Teeuwen staat op 6, 7 en 8 mei in de Stadsschouwburg van Antwerpen. Alle voorstellingen zijn uitverkocht. Op 22, 23 en 24 juli staat hij in de Capitole in Gent, op 19, 20 en 21 augustus in het Kursaal in Oostende.