Geen meerderheid voor regering-Rutte in Senaat

De regering-Rutte haalde met 37 op 75 zetels nipt geen meerderheid in de Eerste Kamer. Dit is niet onmiddellijk het einde van deze regering, maar maakt het wel veel moeilijker om te regeren. Voor ieder voorstel moet de minderheidsregering opnieuw op zoek gaan naar een meerderheid.
Regering-Rutte I slaagde er niet in om een meerderheid te halen in de Senaat

Het gebrek aan een meerderheid is een streep door de rekening van premier Mark Rutte (VVD, kleine foto), want hij wil de komende tijd veel onpopulaire besparingsmaatregelen door de Eerste Kamer loodsen. In Nederland is momenteel een minderheidskabinet van de liberale VVD en het christendemocratische CDA aan de macht. Het kabinet geniet de gedoogsteun van de Partij Voor de Vrijheid (PVV) van Geert Wilders.

Of het kabinet-Rutte nu nog veel van zijn beleid gaat kunnen uitvoeren, is maar zeer de vraag. De vraag blijft ook of de omstreden PVV van Geert Wilders de coalitie van de liberale VVD en het christendemocratische CDA zal blijven steunen. Het is niet denkbeeldig dat ook Wilders' harde asielmaatregelen niet door de Eerste Kamer geraken.

Getrapte verkiezingen

Vandaag was dan ook de dag van de waarheid voor Rutte, want vandaag verkozen de Provinciale Staten de leden van de Eerste Kamer, zeg maar het Nederlandse equivalent van de Senaat.

Daarvoor worden er getrapte verkiezingen gehouden. Dat wil zeggen dat de leden van de Provinciale Staten, die wel rechtstreeks verkozen worden, de leden van de Eerste Kamer kiezen. Eigenlijk zijn dat nieuwe verkiezingen, met heel weinig stemgerechtigden.

In België hebben we een soortgelijk systeem voor de gemeenschapssenatoren. Een deel van onze Senaat wordt aangeduid uit de gemeenschapsparlementen. In Nederland worden alle 75 leden van de Eerste Kamer verkozen door leden van de Provinciale Staten. Grotere provincies wegen bij die verkiezingen zwaarder door dan kleinere provincies.

Bij die getrapte verkiezingen is het normaal de gewoonte dat de leden van de Provinciale Staten op hun eigen partij stemmen. Maar de regeringspartijen VVD en CDA haalden, samen met de omstreden gedoogpartner PVV van Geert Wilders, slechts 37 zetels. Net een zetel te weinig voor een meerderheid dus.

Achterkamertjespolitiek

Om toch een meerderheid te halen was premier Rutte op zoek gegaan naar een kleine partij die bereid is om anders te stemmen dan gewoonlijk. Die kleine partij dacht Rutte gevonden te hebben in de Partij voor Zeeland.

Ruttes gedoogpartner Geert Wilders (kleine foto) ontkende vooraf dat er een akkoord was met de Partij voor Zeeland. “Ik zeg dat er geen enkele deal is gesloten,” aldus Wilders. “Er is helemaal geen sprake van een achterkamertjesakkoord.” Wilders heeft zich altijd luidop verzet tegen het “geritsel en geregel” in Den Haag, zeker wat de zogenoemde “achterkamertjespolitiek” betreft.

Hoe dan ook zag het ernaar uit dat het heel nipt zou worden. “Ik wacht de uitslag af”, aldus Rutte. “Maar het ligt voor de hand dat die ergens tussen de 36 en 38 zetels zal liggen. Het is van veel onzekerheden afhankelijk.” Zijn kabinet is uiteindelijk gestrand op 37 zetels, net eentje te weinig voor een meerderheid dus.