Stoffelijk overschot van Allende opgegraven

In de Chileense hoofdstad Santiago is het stoffelijk overschot van oud-president Salvador Allende opgegraven. De eerste linkse president van Chili kwam om bij een militaire coup in 1973 en het is onduidelijk of hij is doodgeschoten dan wel of hij zelfmoord heeft gepleegd.

De opgraving op de centrale begraafplaats van Santiago is het gevolg van een onderzoek naar de doodsoorzaak van Allende dat in februari is geopend. Forensische pathologen en buitenlandse experten zullen zich over de kwestie buigen.

Salvador Allende kwam op 11 september 1973 om het leven door een kogel in het presidentieel paleis tijdens de militaire coup van generaal Augusto Pinochet, gesteund door de Amerikaanse inlichtingendienst CIA. Hij was 65 jaar oud.

Het wapen en de kogels zijn nooit teruggevonden en de echtgenote en de dochters van Allende hebben zijn lijk nooit mogen zien. De officiële versie luidt dat Allende zichzelf een kogel door het hoofd heeft gejaagd, wat gestaafd werd door een lijkschouwing in het militaire ziekenhuis van Santiago. Sommigen vermoeden echter dat Allende is doodgeschoten en dat dit achteraf is verdoezeld. Het nieuwe gerechtelijk onderzoek moet daarover uitsluitsel brengen. 

Tegelijk met de heropening van het onderzoek naar de doodsoorzaak van Allende zijn 725 andere dossiers over misdaden tegen de menselijkheid heropend die begaan zijn tijdens de dictatuur van Pinochet.

De staatsgreep van Augusto Pinochet  luidde het begin in van 17 jaar militaire dictatuur. Meer dan 3.000 politieke tegenstanders werden vermoord door of verdwenen door toedoen van het leger of de gevreesde geheime dienst DINA.

Salvador Allende was de eerste linkse president van Chili, maar in de ogen van het leger en de Verenigde Staten was hij een marxist die van Chili een nieuw Cuba zou maken.

Meer nieuws