Politie botst met actievoerders in Barcelona

In de Spaanse stad Barcelona zijn 121 gewonden gevallen toen de politie een tentenkamp probeerde op te breken op de Plaza de Catalunya. Het ging om een tentenkamp van actievoerders tegen de besparingen en de torenhoge werkloosheid in Spanje.

Het tentenkamp stond al bijna twee weken op de Plaza de Catalunya, zowat het kloppende hart van Barcelona. De politie had de actievoerders verwittigd dat ze zouden moeten opkrassen. De regionale Catalaanse overheid wilde het plein laten schoonvegen met het oog op de finale van de Champions League, morgenavond. Die wedstrijd in Londen gaat tussen Barcelona en Manchester United, maar de Plaza de Catalunya is bij dergelijke gelegenheden vaak een ontmoetingsplaats voor voetbalsupporters.

De herrie begon toen de ordediensten de actievoerders met geweld wilden verdrijven. Daarbij werden wapenstokken en luchtpistolen gebruikt. Volgens een woordvoerder van het Catalaanse ministerie van Binnenlandse Zaken vielen er 121 gewonden: 84 actievoerders en 37 politieagenten. De man zei niet hoeveel actievoerders er zijn opgepakt.

Nadat het plein was schoongeveegd en het tentenkamp was opgebroken, mochten de actievoerders terugkeren naar het plein.

Ook in de stad Lleida, ten westen van Barcelona, waren er vandaag gewelddadige botsingen tussen ordediensten actievoerders. Hier zijn twee betogers aangehouden.

Het is de eerste keer dat het tot een gewelddadige confrontatie met de politie komt sinds over heel Spanje tienduizenden jonge actievoerders pleinen bezetten uit protest tegen de harde besparingsmaatregelen en de hoge werkloosheid. Het hart van die protestbeweging is op de Puerta del Sol, in de hoofdstad Madrid.