Maar 1 regel: hoe opzichtiger, hoe beter

Vergeet de paarden. Ladies' Day op de paardenrennen van Ascot (en volgens sommigen ook tijdens de rest van het jaarlijkse festijn) gaat maar om een ding: hoeden. Oké, twee: hoeden en klasse. Een bijdrage van Lia van Bekhoven.

Tijdens die ene week in juni drommen 300.000 paardenliefhebbers, royals, gewone Britten, buitenlandse oligarchen en een handvol celebrity's naar de renbaan van Ascot, gekleed alsof ze naar een bruiloft gaan. Ze komen om te zien en gezien te worden. Hoeden zijn daarbij onmisbaar.

Of ze nu speciaal voor de gelegenheid gemaakt zijn of op de markt gekocht of geleend, voor de hoofddeksels geldt maar een regel: hoe opzichtiger hoe beter. Stel je centraal op, liefst in de buurt van de koninklijke loge, en je kunt fruitmanden, stillevens - inclusief opgezette fazanten - en kaasplateaus voorbij zien komen.

Iets met ballonnnen, vogelnesten en talloze variaties op het thema surfplank hebben een onbegrijpelijke, maar hardnekkige populariteit. Als Ladies’ Day vandaag iets bevestigde is het de trage, maar onverbiddelijke teloorgang van de fascinator, de hoed die te klein is om hoed genoemd te worden en met een speld of diadeem bevestigd wordt. Weinigen die daar rouwig om zijn.

"Het is net als seks"

Lastiger dan de zorg om hoofddeksels is de vraag: Wat Moet Ik Aan? De Royal Ascot-website doet niet aan mode-adviezen. Ze adviseert enkel wat wel en niet mag. Zo is het in de koninklijke loge verboden om "jurken te dragen met schouderbandjes die minder dan een inch breed zijn".

Uitgesneden ruggen, blote buiken en minirokken zijn eveneens uit den boze. De kledingvoorschriften van Ascot zijn, zei iemand ooit, de strengste buiten het nudistenkamp. De meesten kiezen voor veilig en degelijk: denk aan Hyacinth Bouquet in een moeder-van-de-bruid-gewaad.

Gelukkig gelden de straffe kledingregels niet buiten de koninklijke loge. Ascot, officieel Royal Ascot, is sinds het 300 jaar geleden door koningin Anne in het leven geroepen werd, niet alleen geliefd bij de royals en de rijken.

Aan de andere kant van de exclusieve loges en champagnebars picknicken de modale Britten, tussen de buien door, in het gras. Bij de vrouwen is een kleur dominant. Een groep in roze geklede meiden met roze naaldhakken en hoeden heeft zich vanochtend door een roze limo laten afzetten. De favoriete drank hier is cava en niks kan de stemming drukken. Zelfs niet de ravage die de regen aanbrengt aan de oranje-bruine, uit de spuitbus afkomstige, huidskleur.

Beter, veel beter nog, dan een weddenschap winnen is een plaats op de fameuze Car Park No1. Het is voor weinigen weggelegd de Jaguar daar neer te kunnen zetten. Er zijn bewijzen van goed gedrag voor nodig, liefst uit het Vaticaan, serieus geld en invloed bij de regering. De parkeerplaatsen van No 1 worden beschouwd als de kostbaarste erfstukken.

"Het is net als seks", zei ooit een hoogbejaaarde Ascotganger die zijn parkeerplaats al had overgedragen aan zijn oudste zoon, tegen The Independent. "Ik ben er zelf niet meer toe in staat, maar het stelt gerust dat anderen er nog wel van genieten." Weer of geen weer, je ziet er altijd wel een butler die doende is de tafel met gesteven linnen en familiezilver te dekken naast de Rolls, bij voorkeur onder een afdak vanwege de regen.

Lia van Bekhoven is correspondente in Groot-Brittannië