"Le moine": Vincent Cassel is schijnheilige

In het katholieke Spanje van de 17e eeuw getuigt kapucijnermonnik Ambrosio (rol van Vincent Cassel) vanop de kansel vol vuur over zijn geloof. Van heinde en ver komt men toegestroomd om naar zijn bezielende preken te luisteren. De gelovigen hangen aan zijn lippen.

Broeder Ambrosio, die als baby te vondeling werd gelegd aan de poort van een klooster waar hij naderhand is opgegroeid, geldt voor zowat iedereen als een bewonderenswaardig voorbeeld van deugdzaamheid.

Zelf is Ambrosio er ook heilig van overtuigd dat hij boven elke verleiding verheven is. Aan een man die bij hem te biechten komt, omdat hij niet aan de verlokking van het vlees kon weerstaan (en daar zo te horen ook niet echt spijt van heeft), zegt hij resoluut dat “Satan slechts de macht heeft die wij hem willen toestaan”. Die zelfverzekerde uitspraak had Ambrosio misschien beter niet gedaan, want in de loop van het filmverhaal zal blijken dat de deugdzame monnik toch niet helemaal immuun is voor de zonde van het vlees. En dat zal uiteraard verstrekkende gevolgen hebben.

Gebaseerd op roemruchte roman "The monk: A romance"

Voor het scenario van "Le moine" baseerde de Franse filmmaker Dominik Moll zich op de roemruchte roman "The monk: A romance", een gothic novel van de Britse schrijver Matthew G. Lewis. Die schreef het boek in 1794, toen hij nauwelijks 19 jaar was en als attaché verbonden was aan de Britse ambassade in Den Haag. Het boek werd anoniem gepubliceerd in 1796 en bleek meteen een succes.

De goede recensies brachten Lewis ertoe om de tweede editie dan toch maar met zijn eigen naam te signeren, compleet met de toevoeging "M.P." (Member of Parliament), omdat hij toen net een zitje in het House of Commons had verworven. Toeval of niet, maar de roman kreeg het toen harder te verduren en werd onder meer beschuldigd van “plagiarism, immorality and wild extravagance”. Het controversiële boek werd hoe dan ook een klassieker en "The monk" werd in de "Penguin cpompanion to literature" van 1971 nog steeds omschreven als “a gothic tale of rape, murder, sorcery, incest and the supernatural, which combines several literary traditions in an extravagant but powerful mixture. It had many imitators”.

Ook verfilming op basis van scenario Buñuel

De roman "The monk" van Matthew Gregory Lewis werd al enkele keren eerder verfilmd, onder meer door de Griekse regisseur Ado Kyrou in 1972, met onder meer Franco Nero, Nathalie Delon en Nicol Williamson in de cast. Voor die verfilming baseerde de cineast zich op een scenario van niet minder dan de Spaanse grootmeester Luis Buñuel.

Dat was niet zo verwonderlijk, want Adonis Kyrou had, behalve klassieke naslagwerken zoals "Amour - érotisme & cinéma" en "Le surréalisme au cinéma", eerder ook een standaardwerk over Buñuel zelf op zijn naam staan.

Buñel had het boek van Lewis in het midden van de jaren 60, samen met coscenarist Jean-Claude Carrière, bewerkt met de bedoeling het zelf te verfilmen. Het project ging uiteindelijk niet door (omdat de producent in financiële moeilijkheden was geraakt) en Buñuel besloot dan maar een andere roman te verfilmen, namelijk "Belle de jour" van de schrijver Joseph Kessel. Het werd één van zijn beroemdste films.

Niet bestand tegen verleiding door vrouw

De belangstelling van Buñuel voor "The monk" was nochtans geen toeval, want even voordien, in 1965, had hij in Mexico de film "Simon del desierto" gedraaid, een verhaal over een zogenaamde pilaarheilige.

In zijn autobiografie "Mon dernier soupir" (die hij eigenlijk niet zelf schreef, maar door Jean-Claude Carrière liet optekenen) vertelde Luis Buñuel over deze “verbazingwekkende persoon van de heilige Simeon Stylites, de kluizenaar uit de vierde eeuw die meer dan veertig jaar boven op een pilaar in een Syrische woestijn doorbracht. Ik dacht daar al lange tijd over, sinds (Federico García) Lorca mij "La légende dorée" te lezen had gegeven. Hij moest erg lachen toen hij las dat de uitwerpselen van de kluizenaar , langs de zuil, deden denken aan was op een kaars. In werkelijkheid zullen die fecaliën meer weg hebben gehad van geitenkeuteltjes, want hij voedde zich alleen maar met wat slablaadjes die men in een mand naar boven stuurde”.

In "Simon del desierto" zien we onder meer hoe de pilaarheilige uit de titel allerlei discussies voert met monniken, hoe hij zonder onderscheid alles en iedereen zegent, hoe hij mirakels verricht die op niemand enige indruk maken en hoe hij ook moet vechten tegen de verleiding door de duivel die voor hem verschijnt in de gedaante van... een mooie vrouw. En dat brengt ons dus terug naar "Le moine" waar broeder Ambrosio tegen veel bestand blijkt, maar niet tegen de verleiding door een vrouw. Een andere verfilming van de roman "The monk" van Matthew G. Lewis, door de Spaanse regisseur Francisco Lara Polop in 1990, kreeg niet toevallig twee andere ondertitels mee, namelijk "The seduction of a priest" en "The final temptation".

Jan Temmerman

Le moine (Fra, Spa)

regie: Dominik Moll
met: Sergi López, Vincent Cassel, Déborah François
release: woensdag 13 juli