Shell gaat betalen na olievervuiling in Nigeria

De Brits-Nederlandse oliemaatschappij Shell geeft toe schuld te hebben aan twee grote olievervuilingen in het Nigeriaanse deltagebied, in Ogoniland. Shell zal opdraaien voor de kosten van de schoonmaak en plaatselijke inwoners vergoeden. Milieugroeperingen reageren positief, maar wijzen erop dat er nog werk aan de winkel is.

De vervuiling ontstond  door twee reusachtige olielekken. Die deden zich voor in een 50 jaar oude pijpleiding waar dagelijks voor zo'n 120.000 vaten olie door werd vervoerd, schrijft de Britse krant The Guardian.

Vier Nigeriaanse boeren van de getroffen Bodo fishing community stapten naar de rechter, omdat de natuur zo vervuild was dat ze hun broodwinning als visser moesten stopzetten.

Het proces begon in Groot-Brittannië en er volgde een lange juridische strijd. Volgens experts is er evenveel olie in de delta gevloeid als destijds bij de ramp met de Exxon Valdez, maar Shell zegt dat het om veel minder ging. Hoe dan ook is de schade voor het milieu erg groot. Bovendien liep de pijpleiding dwars door een dorp. Shell stopte met ze te gebruiken na herhaaldelijk plaatselijk protest, onder meer van de schrijver Ken Saro-Wiwa.

De getroffen gemeenschap heeft verschillende schadeclaims ingediend. Die betreffen de opruiming van de olie (mogelijk 100 miljoen dollar), de schade aan de plaatselijke leefgemeenschap en de indirecte schade voor individuele families.

Shell heeft nu toegegeven dat de olievervuiling te wijten is aan een defect van het eigen materiaal, en niet aan sabotage of diefstal. Het zal een schadevergoeding betalen "in overeenstemming met de Nigeriaanse wet", maar het kan nog maanden duren vooraleer een bedrag bekend is.

Milieugroeperingen reageren positief, maar wijzen erop dat de vervuiling verder strekt dan Ogoniland en manen Shell aan om ook in de toekomst olielekken te vermijden.