Pfizer betaalt 15 jaar na mislukte medicijntest

De Amerikaanse geneesmiddelenfabrikant Pfizer is begonnen met het uitbetalen van schadevergoedingen aan een aantal Nigeriaanse gezinnen. In 1996 stierven 11 kinderen nadat het bedrijf hen een experimenteel geneesmiddel had toegediend. De ouders van 4 van hen hebben nu een vergoeding gekregen.

Pfizer maakte bekend dat het de families van 4 overleden kinderen elk 123.000 euro heeft uitbetaald. In 2009 al waren het farmaceutische bedrijf en de regering van de deelstaat Kano, in het noorden van Nigeria, overeengekomen dat er een schadevergoeding zou betaald worden.

Dat er nu pas gestart wordt met de betalingen, komt omdat het 2 jaar geduurd heeft om aan de hand van DNA-tests uit te maken wie er recht heeft op het geld. De ouders moesten DNA afstaan om aan te tonen dat de slachtoffers wel degelijk hun kinderen waren.

In totaal kwamen 11 kinderen om bij de omstreden geneesmiddelentest van 15 jaar geleden. Pfizer gaf toen aan een groep van 200 kinderen het experimentele Trovan, een middel tegen hersenvliesontsteking. Verschillenden onder hen hielden er hersenbeschadiging, verlamming of spraakproblemen aan over.

Pfizer heeft jarenlang alle aanklachten ontkend. Volgens het bedrijf waren de sterfgevallen en de andere medische problemen net het gevolg van de hersenvliesontsteking waartegen het medicijn moest beschermen. Maar in 2009 werd na een lange procedureslag dus toch een regeling getroffen.

Pfizer hoopt binnen dit en een jaar alle slachtoffers vergoed te hebben. De ouders zeiden aan de Britse omroep BBC dat ze blij zijn met de betalingen, maar dat het geld uiteraard het verlies van hun kind niet kan compenseren.