Belgen vaakst onder invloed bij zwaar ongeluk

Uit een Europees onderzoek blijkt dat de Belgen het vaakst onder invloed zijn van alcohol of drugs bij een ongeluk waarbij zwaargewonden vallen. De Standaard kon het DRUID-onderzoek (Driving under the influence of drugs, alcohol and medicines) inkijken. Staatssecretaris Schouppe pleit voor meer controles.

Het onderzoek is gebeurd in zes landen: België, Nederland, Italië, Denemarken, Finland en Litouwen. Voor het onderzoek werden in elk land zo'n 2.500 bloedstalen genomen bij zwaargewonde autobestuurders om ze te testen op sporen van alcohol en drugs.

De zwaargewonde bestuurders in België hadden het vaakst sporen van alcohol of cannabis in het bloed. 42,5 procent had meer dan 0,1 promille alcohol in het bloed, 38 procent meer dan de toegestane 0,5 promille. Het Belgische gemiddelde ligt op 1,6 promille, te vergelijken met zeven pintjes.

In de andere landen ligt het gemiddelde even hoog, maar er zijn beduidend minder mensen onder invloed. Er is in de andere landen met andere woorden een kleinere groep die onder invloed achter het stuur kruipt, maar deze personen drinken gemiddeld meer alcohol. Zo bleek in Nederland 29,6 procent van de autobestuurders alcohol te hebben gedronken, in Litouwen  maar 17,7 procent.

Volgens onderzoeker Alain Verstraete van de UGent betekent dit niet dat de Belgen de stevigste drinkers zijn achter het stuur, maar wel dat het drinken van alcohol een groter risico op de weg inhoudt in vergelijking met andere landen.

"Pakkans moet omhoog"

Ook wat druggebruik betreft, scoort België het hoogst: 9,9 procent van de Belgische bestuurders die zwaargewond raakten, bleek cannabis te hebben gebruikt. In Nederland testte maar 1,6 procent van de zwaargewonde autobestuurders positief op softdrugs.

Staatssecretaris voor Mobiliteit Etienne Schouppe (CD&V) erkent het probleem en zegt, net als de onderzoekers, dat de pakkans vergroot moet worden. "Bij elke controle van de politie, bij elke administratieve controle, zou het systematisch verplicht moeten worden om te blazen", zegt Schouppe. "Er is echt een mentaliteitswijziging nodig dat als men rijdt, dat men niet drinkt. Dat zit er nog onvoldoende in bij de Belgen". Schouppe zou ook overwegen om de boetes op te trekken.

Ook het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid pleit voor meer controles op alcohol en drugs achter het stuur. "Uit metingen blijkt dat mensen wel goed op de hoogte zijn van de risico's van het rijden onder invloed van alcohol", zegt Miran Scheers van het BIVV. "Dat is een van de resultaten waar de campagnes toe hebben geleid, maar blijkbaar zetten de mensen dat risicobesef nog onvoldoende om in gedrag en daar moeten we onze campagnes ondersteund kunnen worden door meer controles en door een adequate bestraffing."

"Straffen beter opvolgen"

Volgens politierechter Peter D'hondt is vooral een betere opvolging van de straffen noodzakelijk. "Campagnes en sensibilisering is allemaal goed en wel, maar dat moet natuurlijk hand in hand gaan met een adequaat vervolgingsbeleid, bestraffing en niet in het minst de uitvoering van de straffen", zegt D'hondt. "Als men bedenkt dat nog altijd meer dan de helft van de werkstraffen niet binnen het jaar uitgevoerd wordt en dat 1 op de 5 werkstraffen zelfs niet wordt uitgevoerd, dan is er nog wat werk aan de winkel. De straffen worden niet uitgevoerd omdat de betrokkene niet komt opdagen, omdat hij het werk niet doet of hij verzuimt de volledige duur van de straf te ondergaan.

Het DRUID-onderzoek (Driving under the influence of drugs, alcohol and medicines) is een vergelijkende studie over een tijdspanne van 5 jaar en is daardoor het grootste onderzoek in zijn soort. De Europese Commissie had het DRUID-onderzoek besteld.