Rebellen stellen ultimatum aan Sirte

In Libië hebben de rebellen de aanhangers van Khaddafi in diens geboortestad Sirte tot maandag de tijd gegeven om zich over te geven. Daarna zal een offensief tegen Sirte worden ontketend.

Na de verovering van de hoofdstad Tripoli rukken de opstandelingen vanuit het oosten en het westen op naar het centrale deel van Libië dat nog onder controle staat van de troepen van Khaddafi. Hun belangrijkste doelwit is Sirte, de geboortestad en een belangrijk bolwerk van het regime. 

Toch krijgen de aanhangers van Khaddafi in Sirte nog tot volgende week maandag om zich over te geven en de rebellen binnen te laten. Als dat niet gebeurt, willen de rebellen hun aanval op Sirte inzetten. Ook de oasestad Sabha in het zuiden van het land zou nog in handen zijn van Khaddafi.

Er komt dus een luwte in de gevechten en daar zijn verschillende redenen voor. Zo zijn de opstandelingen nu verspreid over een groot deel van Libië en moeten ze de orde herstellen in gebieden die ze niet onder controle gekregen hebben. Tegelijk zouden ze tijd nodig hebben om de lange tocht door de woestijn naar Sirte in te zetten en daar voldoende troepen te hebben voor een offensief tegen de troepen van Khaddafi.

Er is ook een andere reden, namelijk het dichten van de kloof tussen de stammen in Libië. Sirte ligt in het thuisland van de Magarha, de op een na grootste stam van het land die tot nu toe achter het Khaddafi-regime stond. Een rechtstreekse confrontatie tussen rebellen en Magarha zou wellicht nog jarenlang kunnen nasmeulen en de verzoening in Libië ondermijnen. De rebellen hopen dat de meeste Magarha-clans vrijwillig van kamp veranderen.

Dat verklaart ook de weigering van de rebellenraad om de veroordeelde dader van de Lockerbie-bomaanslag in '88 opnieuw uit te leveren. Die man behoort tot de Magarha.

Intussen is het nog altijd niet duidelijk waar Khaddafi en de top van zijn gevallen regime zich bevinden en of ze nog in het land zijn. De NAVO is alleszins niet van plan om de operaties boven Libië stop te zetten, zolang er nog gevochten wordt.