"Geef Khaddafi en zijn familie geen onderdak"

Het nieuws dat enkele familieleden van de voormalige Libische leider Moe'ammar al-Khaddafi naar Algerije zijn gevlucht, valt in slechte aarde bij de Libische rebellen. De Nationale Overgangsraad, de zogenoemde rebellenregering, heeft het over een daad van agressie en vraagt Algerije om de uitlevering.

Gisteren bevestigde het Algerijnse ministerie van Buitenlandse Zaken dat enkele directe familieleden van Moe'ammar al-Khaddafi naar Algerije waren gevlucht. Het gaat om zijn vrouw Safia, zijn dochter Aisha en zijn zonen Hannibal en Mohammed.

Algerije, een buurland van Libië, heeft tot nog toe de Nationale Overgangsraad, de zogenoemde rebellenregering, niet erkend als officiële vertegenwoordiging van het Libische volk. Het feit dat het land familieleden van Khaddafi heeft toegelaten op zijn grondgebied, zet kwaad bloed bij de rebellen. Zij willen Khaddafi en zijn familie laten terechtstaan.

De rebellen in Libië vrezen dat Khaddafi's familieleden via Algerije naar een ander land zullen vluchten. "We hebben gehoord dat Algerije hen zal opvangen tot ze naar een ander land  kunnen gaan. Ze proberen te vluchten, vermoedelijk naar een Oost-Europees land", zei een woordvoerder aan het persagentschap Reuters. "We hebben beloofd dat alle criminelen een proces zullen krijgen en daarom beschouwen we dit als een daad van agressie van Algerije. We waarschuwen iedereen om Khaddafi en zijn zonen geen onderdak te geven. We gaan achter hen aan om hen te vinden en op te pakken."

Mustafa Abdel Jalil, de voorzitter van de Nationale Overgangsraad, heeft de Algerijnse regering opgeroepen om mee te werken en elke zoon van Khaddafi uit te leveren die op hun "wanted"-lijst staat. Waar Khaddafi zelf zich ophoudt, is een week na de val van Tripoli nog altijd niet duidelijk. "Als we wisten waar hij was, dan zouden we op weg zijn om hem te vatten. We hebben geen informatie of Khaddafi in Libië is of elders", zei Jalil nog aan de Arabische nieuwszender Al Jazeera.

Tripoli viert eerste Suikerfeest sinds Khaddafi

De Nationale Overgangsraad, intussen door meer dan 40 landen erkend als wettelijke vertegenwoordiging van het Libische volk, probeert om de controle in Tripoli te herstellen na dagen van chaos en geweld. De rebellenregering wil de veiligheid in de stad terugbrengen, de basisvoorzieningen opnieuw opstarten en de economie weer aanzwengelen.

In Tripoli zijn geregeld nog geweerschoten te horen en verschillende wijken in de stad kampen met tekorten aan voedsel, water en brandstof. Toch zouden volgens hulpagentschappen medische en andere diensten weer op gang komen. Vandaag wordt ook in Tripoli het einde van de ramadan gevierd en komen bewoners op straat om hun inkopen te doen voor het Suikerfeest, het eerste sinds de val van Khaddafi.

De NAVO-campagne in Libië die een half jaar geleden van start ging, wordt intussen nog voortgezet. De laatste dagen bestoken NAVO-vliegtuigen de noordelijke stad Sirte, de geboorteplaats van Khaddafi. De stad is nog altijd in handen van het aanhangers van het regime. Rebellen zijn Sirte dicht genaderd, intussen zou ook onderhandeld worden over een overgave.