"Meer kijken naar ontwikkeling in plaats van leeftijd"

In Franstalige scholen komt er een proefproject om zittenblijven in de lagere school af te raden of zelfs af te schaffen. De Vlaamse onderwijskoepels zijn het idee niet ongenegen en pleiten ervoor om meer ontwikkelingsgericht te werken in plaats van alleen te kijken naar leeftijd.

De Franstalige minister van Leerplichtonderwijs Marie-Dominique Simonet (CDH) lanceert op deze 1e september het voornemen om het zittenblijven bij leerlingen in de lagere school af te raden of zelfs af te schaffen. In de kranten La Libre Belgique en Le Soir doet ze haar plannen voor een pilootproject uit te doeken.

Dat project, gericht op kinderen van 5 tot 8 jaar, moet bij de start van het schooljaar in 2012 van start gaan. Via een hele reeks maatregelen wil Simonet de leerkrachten aansporen om de praktijk van het zittenblijven niet meer toe te passen. De concrete invulling van het project is nog niet duidelijk, maar het onderwijs zou wel veeleer in cycli georganiseerd worden. Binnen een cyclus kan dan niet meer gedubbeld worden, alleen op het einde. Als het 3e en 4e leerjaar bijvoorbeeld één cyclus vormen, kan er op het einde van het 3e niet meer gedubbeld worden, alleen op het einde van het 4e.

Waals minister-president Rudy Demotte (PS) is er ook voorstander van om het zittenblijven af te schaffen. Scholen grijpen vaak te snel naar zittenblijven terwijl dat niet meteen noodzakelijk hoeft. Landen waar zittenblijven niet bestaat, behalen bovendien betere scores in de internationale PISA-onderzoeken, die peilen naar de kennis en de vaardigheden van leerlingen, zegt Demotte. In plaats van te kiezen voor zittenblijven, is het beter om leerlingen die het moeilijk hebben tijdens het jaar beter op te volgen.

Mieke Van Hecke: "Eindtermen halen is het belangrijkste"

In Vlaanderen zijn het de onderwijskoepels zelf die over dat soort kwesties kunnen beslissen. Hoe staan zij tegenover het idee dat in het Franstalige onderwijs wordt gelanceerd? Mieke Van Hecke, directeur-generaal van de koepel van het katholiek onderwijs (kleine foto), is alleszins voorstander van het idee om meer met niveaugroepen te werken in plaats van met leeftijdsgroepen. Als een kind voor een bepaald vak niet mee is, kan het in die volggroepen extra worden begeleid, zodat het aan het eind van de rit alle eindtermen haalt.

"Hoe je het tussendoor regelt, dat is niet zo belangrijk, maar je moet wel opbouwen. Je moet erop toezien dat elk kind elke trede kan nemen en dat het in dat zesde jaar van het lager onderwijs de eindmeet bereikt, zodat het niet gehypothekeerd aan het secundair onderwijs begint. We moeten echt alles doen in het belang van het kind opdat hij of zij het kan halen", klonk het in "De ochtend" op Radio 1.

"Dat betekent in volggroepen werken en flexibel werken. Dat is vandaag al mogelijk en wordt al toegepast. Basisscholen werken al heel flexibel en gedifferentieerd, maar het kan nog beter. Ondanks alle pedagogische methodieken moeten scholen vaststellen dat ze er niet in slagen om bepaalde achterstanden in te halen. Minister Smet zal een proefproject financieren om dat te verbeteren."

Raymonda Verdyck: "Zittenblijven behaalt niet altijd gewenst resultaat"

Raymonda Verdyck, afgevaardigd bestuurder van het gemeenschapsonderwijs (kleine foto), vindt dat het traditionele jaarklassensysteem veel te weinig rekening houdt met de individuele verschillen in de ontwikkeling bij kinderen. "Hier zitten bijvoorbeeld kinderen die geboren zijn in januari, samen met kinderen die geboren zijn in december. Vooral op die jonge leeftijd is dat een groot verschil. We moeten eerder ontwikkelingsgericht werken in plaats van te kijken naar jaren en leeftijden", zei ze in "De ochtend".

Verdyck staat achter de plannen van minister Simonet en wil nog een stapje verder gaan. "We moeten daar eigenlijk al mee beginnen in het kleuteronderwijs. In een aantal van onze kleuterscholen proberen we al niveau-overstijgend te werken en te kijken naar het ontwikkelingsniveau. Om zoiets te realiseren, moeten we veel meer vanuit teamverband werken."

"Als men kinderen laat zittenblijven, behaalt dat niet altijd de resultaten die men beoogt. Het is gewoon een herhaling van de leerstof, dat betekent natuurlijk leerwinst, twee keer iets horen is altijd beter dan één. Maar als men naar een volgend leerjaar overgaat, zit het risico erin dat die leerwinst verloren gaat. Het kind wordt voor nieuwe dingen geplaatst en als men niet heeft ingezet op datgene waar het minder evolueert, is men de winst kwijt."

Verdyck wil op een andere, bredere manier evalueren en wijst er ook op dat ouders op jonge leeftijd vaak ook te veel vergelijken. "We moeten duidelijk maken dat het niet is omdat een kind op een bepaald moment nog niet mee is met iets, dat het daarom minder goed is. Dat wordt wel ingehaald op een later moment."