Gemeentelijke Holding als Belgische pijler Dexia

De Gemeentelijke Holding was jarenlang de belangrijkste Belgische pijler binnen de groep Dexia, maar heeft de wortels in het Gemeentekrediet van weleer. Toch zijn er ook andere belangen.

De Gemeentelijke Holding omvat alle Belgische gemeenten en provincies en de Watering Het Schulensbroek. Die sloegen in 1860 de handen in elkaar en richtten toen het Gemeentekrediet/Crédit Communal op als financieringsinstelling voor de openbare besturen.

Die openbare instelling groeide vooral na de Tweede Wereldoorlog uit tot een van de belangrijke banken in het land met een uitgebreid kantorennet. Daar werden spaardeposito's en geld van kasbons en andere beleggingsproducten opgehaald om vooral -maar niet enkel- kredieten aan de lokale besturen te verstrekken.

Het Gemeentekrediet deed dat onder het waakzaam oog van de ridder in het logo, ook "de Jef" of "het Jefke" (links) genoemd. Behalve naar de stedelijke milities van weleer belichaamde die ook de solide reputatie van de instelling.

De tijd stond niet stil en na de opening van de eenheidsmarkt voor financiële diensten in de Europese Unie, fuseerde het Gemeentekrediet in 1996 met Crédit Local de France tot Dexia.

Op de golven van Dexia

Om de belangen van de oorspronkelijke Belgische publieke aandeelhouders te beschermen, groepeerden de provincies en gemeenten zich in '96 in de Gemeentelijke Holding. Die werd eerst de grootste aandeelhouder van Dexia, maar geleidelijk nam die in de aandeelhoudersstructuur de tweede plaats in na het Franse overheidsfonds CDC.

De Belgische poot van Dexia kreeg in 2001 wel versterking toen Artesia Bank, de financiële poot van de christelijke arbeidersbeweging ACW, fuseerde met Dexia. Naast de CDC en de G-Holding stapte toen Arcofin van het ACW mee in het kapitaal.

Op dit ogenblik is de CDC (17%) de grootste aandeelhouder van Dexia, gevolgd door de Gemeentelijke Holding (14,1%) en Arcofin (13,8%). Na het uiteenvallen van de groep Dexia is dat de aandeelhoudersstructuur van de restbank geworden.

Door de forse koersdaling en de afkalving van de groep Dexia had de Gemeentelijke Holding wel 2 miljard belang in Dexia in rook zien opgaan en dat brengt de groep in nauwe schoentjes. Te meer omdat de Holding bij de eerste redding van Dexia drie jaar geleden al 1,2 miljard euro extra kapitaal had ingebracht. Daardoor zijn de schulden opgelopen tot 1,7 miljard euro terwijl het eigen vermogen 1,2 miljard euro bevat.

De Holding had het grootste deel van het kapitaal geïnvesteerd in Dexia, maar heeft daarnaast nog belangen in andere bedrijven. Zo is de holding via Publi-T voor bijna 45% in het kapitaal van Elia, de uitbater van het hoogspanningsnet in België gestapt. Daarnaast zijn er flink wat belangen in de vastgoedbevaks Cofinimmo, Montea en Banimmo, in een aantal infrastructuurfondsen en de windparken van Electrawinds en de zonnepanelenproducent Enfinity. Die belangen zijn best wel wat waard, tenminste als niet halsoverkop te gelde moeten worden gemaakt.

Openbare besturen in het nauw

De gewesten Vlaanderen, Wallonië en Brussel kijken intussen knarsetandend toe. Ook zij hebben geld verloren in Dexia, maar staan ook nog voor 450 miljoen euro garant voor de schulden van de Gemeentelijke Holding. Als die factuur betaald moet worden, zou de rating (de gunstige AAA van Vlaanderen) mogelijk in het gedrang komen.

Daarnaast dreigen bij een faillissement van de Holding ook tal van Vlaamse, Waalse en Brusselse gemeenten in financiële problemen te komen. De gewesten die de voogdij hebben over de gemeenten, zullen dan wellicht ook een deel van die factuur op hun bord krijgen.

Het komt er dus op aan op het domino-effect van Dexia via de Holding naar de gemeenten en de gewesten te stoppen. Een tip: misschien kan de federale overheid -nu eigenaar van Dexia Bank België- de rechten op "de Jef" overkopen van de Holding voor een "redelijke" prijs en op die manier de gemeenten wat steunen. In ruil kan het nieuwe Belgische Dexia dan aanknopen met de "solide" traditie van weleer.

Jos De Greef